Zum Inhalt springen

Back to School- doe de gratis Quiz

Mit „Ausgezeichnet“ bewertet | Rezensionen lesen

Der ScKIN Club: Jetzt beitreten + 25 Punkte

Bestellung vor 12:00 Uhr, Lieferung am nächsten Werktag*

Kostenloser Versand ab 50 EUR (NL)

ScKIN Journal

Castorbonen en een blad van de wonderboom naast een glazen schaal met olie

Wat is castorolie en waar komt het vandaan?

◷ 7 min leestijd Castorolie is zo'n product dat al jaren meegaat en toch steeds opnieuw opduikt. Je ziet het bij de drogist staan, je hoort erover in gesprekken over wenkbrauwen, en de kans is groot dat je moeder of je oma er ook al iets mee deed. Maar als ik vraag wat het eigenlijk is, blijft het vaak stil. Een olie, ja. Uit een plant, ergens. En verder? Ik vind dat eigenlijk jammer, want als je weet waar iets vandaan komt en hoe het is opgebouwd, snap je meteen veel beter waarom je het op de ene manier wel gebruikt en op de andere manier niet. Daarom begin ik deze reeks bij de basis: welke plant het is, hoe de olie gemaakt wordt, wat erin zit, en waarom castorolie zo anders aanvoelt dan bijna elke andere plantaardige olie die je kent. De plant: de wonderboom Castorolie komt uit de zaden van Ricinus communis, in het Nederlands de wonderboom genoemd. In warme streken groeit die uit tot een echte boom van een paar meter hoog. Bij ons haalt hij dat niet, want de eerste vorst is het einde van het verhaal, en daarom zie je hem hier vooral als sierplant in tuinen staan. Je herkent hem aan de grote handvormige bladeren en de roodachtige stengels. Best een indrukwekkende verschijning. Na de bloei komen er stekelige vruchten aan, en in elke vrucht zitten drie zaden. Die zaden lijken op gespikkelde bonen: glanzend, bruin gemarmerd, een paar millimeter groot. Daar zit de olie in, en dan meteen in flinke hoeveelheid, want zo'n zaad bestaat voor ongeveer de helft uit vet. India is veruit de grootste producent van de wereld, gevolgd door China en Brazilië. De naam wonderboom komt trouwens uit de bijbel, uit het verhaal van Jona die schaduw krijgt van een plant die in één nacht opschiet. Of dat exact deze plant was, daar zijn geleerden het niet over eens, maar de naam is blijven hangen. Van zaad naar olie De zaden worden geperst, en de manier waarop dat gebeurt bepaalt voor een groot deel wat je uiteindelijk in de fles hebt. Er zijn ruwweg twee routes. Koudgeperst betekent dat de zaden mechanisch worden uitgeperst zonder dat er warmte aan te pas komt. Wat eruit komt is een licht goudgele, stroperige olie met een eigen, milde geur. De begeleidende stoffen uit het zaad, zoals vitamine E, blijven daarbij grotendeels bewaard. Voor cosmetisch gebruik is dit de versie waar je naar op zoek bent. Geraffineerd wil zeggen dat de olie na het persen nog een aantal bewerkingen ondergaat met warmte, waardoor ze vrijwel kleurloos en geurloos wordt en langer houdbaar is. Handig voor de industrie, en niets mis mee, alleen verdwijnt er onderweg wel wat van het karakter van de olie. Zie je een castorolie die volstrekt kleurloos en reukloos is, dan weet je dus welke route ze heeft afgelegd. En dan de vraag over ricine Deze krijg ik vaak, en terecht, dus laat ik er helder over zijn. In het zaad van de wonderboom zit ricine, een eiwit dat giftig is als je rauwe zaden zou eten. Dat is precies de reden dat je de plant en de zaden buiten bereik van kinderen en huisdieren houdt. Maar ricine is een eiwit, en eiwitten lossen niet op in vet. Bij het persen blijft het daarom achter in de perskoek, het vaste deel dat overblijft, en gaat het niet mee de olie in. Wat er eventueel nog van over is, wordt bij de verdere bewerking onwerkzaam gemaakt. De castorolie die je als verzorgingsproduct koopt, bevat het dus niet. Wat je in je handen hebt is gewoon een plantaardige olie voor uitwendig gebruik. Waarom castorolie zo dik is En dan het stuk dat castorolie echt bijzonder maakt. De meeste plantaardige oliën zijn een mengsel van allerlei vetzuren. Bij castorolie is dat anders: ongeveer 85 tot 90 procent bestaat uit één en hetzelfde vetzuur, ricinoleïnezuur. Dat kom je in de natuur nauwelijks ergens anders zo geconcentreerd tegen. Het aardige is dat je aan de vorm van dat vetzuur meteen kunt zien waarom de olie zo aanvoelt. Stel je een vetzuur voor als een lange gladde draad. In de meeste oliën liggen die draden los langs elkaar en glijden ze makkelijk langs elkaar heen, en dat merk je: de olie is dun en vloeit snel weg. Ricinoleïnezuur heeft halverwege de keten een extra groep zitten, een soort haak. Al die haken blijven onderling aan elkaar hangen, en daardoor glijden de draden veel minder makkelijk. Dat is precies wat je voelt als je castorolie tussen je vingers wrijft: stroperig, bijna als dunne honing, terwijl bijvoorbeeld arganolie meteen wegloopt. Daarnaast zitten er kleinere hoeveelheden oliezuur en linolzuur in, en van nature wat vitamine E. Maar het verhaal van castorolie is echt het verhaal van dat ene vetzuur. Die dikte heeft in de praktijk vier gevolgen, en die kun je maar beter weten voordat je begint. Je hebt heel weinig nodig. De olie trekt langzamer in dan je gewend bent. Ze blijft als een dunne film op de huid liggen in plaats van meteen te verdwijnen. En in je haar is ze puur soms lastig uit te wassen, waardoor veel mensen castorolie mengen met een lichtere olie. In het derde artikel van deze reeks laat ik precies zien hoe je dat doet. Waarom een olie die blijft liggen prettig is voor je huid Om te snappen waarom die film juist fijn is, helpt het om te weten hoe de buitenste laag van je huid in elkaar zit. Ik leg het altijd uit als een muurtje. De huidcellen zijn de stenen, en de vetten daartussen zijn de specie. Zolang die specie netjes op zijn plek zit, houdt je huid haar vocht binnen en blijft er van buiten weinig ongewenst binnenkomen. Je huid is namelijk een grensgebied, dat is haar hele werk. Wordt de specie dunner, dan gebeuren er twee dingen tegelijk. Je huid verliest sneller vocht, waardoor ze trekkerig en droog aanvoelt. En prikkels van buitenaf komen makkelijker binnen, waardoor je huid gevoeliger reageert dan je van haar gewend bent. Wat die specie uitput is meestal heel alledaags: te heet douchen, te vaak en te stevig reinigen, droge binnenlucht van de verwarming, koude wind. Een olie die op de huid blijft liggen, remt dat vochtverlies af. Ze maakt de huid soepel en helpt de huid haar natuurlijke vochtbalans te behouden. Dat is cosmetische verzorging aan de buitenkant, en zo moet je het ook zien: het is de bescherming van dat muurtje, niet iets wat in je lichaam gebeurt. Een olie met een lange geschiedenis Castorolie wordt al duizenden jaren gebruikt. In het oude Egypte brandde ze in lampen en werd ze op huid en haar gebruikt. In de vorige eeuw was ze een gewild smeermiddel voor vliegtuig- en racemotoren, juist vanwege die stroperigheid die bij hoge temperaturen goed standhoudt. En vandaag kom je haar tegen in van alles, van cosmetica tot lakken en kunststoffen. In een fles op je badkamerplank zit dus een olie met een verrassend industrieel cv. Gele castorolie en black castor oil Je komt twee soorten tegen en het is handig het verschil te kennen. De gewone, koudgeperste castorolie is licht goudgeel met een milde geur. Bij Jamaican black castor oil worden de zaden eerst geroosterd en wordt de as meegeperst, waardoor de olie donkerbruin is en rokerig ruikt. De ene is niet beter dan de andere, het zijn gewoon twee tradities. Wil je een pure, neutrale olie die je overal voor kunt gebruiken, dan is de koudgeperste gele de logische keuze. Wat castorolie wel en niet is Tot slot iets waar ik graag eerlijk over ben, want rond deze olie hangt nogal wat verwachting. Castorolie is een cosmetische verzorgingsolie. Ze verzorgt je wimpers en wenkbrauwen, ze voedt het haar, ze maakt droog haar zachter en glanzender en ze maakt de huid soepel. Dat is wat een olie doet, en dat is best veel. Wat ze niet doet, is haar laten groeien. Dat wordt vaak beweerd en het mag ook niet zo gezegd worden, want daar is het geen middel voor. Wat mensen wel merken is dat goed verzorgde wenkbrauwen en wimpers er voller en verzorgder uitzien, en dat is iets anders. Ik zeg altijd: verwacht verzorging, geen toverstok. En geef het tijd, want je huid vernieuwt zich in weken en je haar groeit ongeveer een centimeter per maand. Vier tot zes weken is een eerlijke termijn om iets te merken. In het volgende artikel loop ik langs alles waar castorolie in de praktijk voor gebruikt wordt, en net zo belangrijk: waar ze minder geschikt voor is. Lees ook Waar is castorolie goed voor? Castorolie gebruiken: hoeveelheid, moment en een simpel weekschema Pure castorolie kiezen: waar je op let

Erfahren Sie mehr
castor olie

Waar is castorolie goed voor?

◷ 6 min leestijd In het vorige artikel keken we naar waar castorolie vandaan komt en waarom ze zo stroperig is. Nu de vraag die de meeste mensen eigenlijk als eerste stellen: waar is castorolie eigenlijk goed voor? Ik loop de toepassingen met je langs, en ik ben er ook eerlijk over waar deze olie minder handig is. Want dat hoort er net zo goed bij, en het scheelt je een fles die halfvol in de kast blijft staan. Eerst even: wat een olie eigenlijk doet Voordat we naar de toepassingen gaan, is het handig om te snappen wat er gebeurt als je een olie op je huid of haar aanbrengt. Anders blijft het bij "het voelt fijn" en weet je niet waarom. De buitenste laag van je huid is dat muurtje van stenen met specie ertussen: huidcellen met vetten daartussen. Die laag heeft één hoofdtaak, en dat is vocht binnenhouden. In diezelfde hoornlaag zit ook een eiwit dat water aan zich bindt, waardoor de laag soepel blijft in plaats van bros. Is er te weinig vet tussen de stenen, dan verdampt er meer vocht dan de bedoeling is, en dat voel je: strak, ruw, dof. Een olie vult niets aan in de diepte. Wat ze doet, is bovenop gaan liggen en het verdampen afremmen. En juist daar is castorolie sterk in, want door die dikte blijft ze liggen waar je haar neerlegt. Het gevolg is dat de huid soepel wordt en dat ze haar natuurlijke vochtbalans beter behoudt. Bij haar werkt het anders, en daar kom ik zo op terug. 1. Wimpers en wenkbrauwen Dit is waar castorolie het bekendst om is, en niet zonder reden. Wimpers en wenkbrauwen krijgen weinig verzorging en wel veel te verduren: make-up, afschminken, wrijven in je ogen, een föhn erlangs. Een olie die blijft zitten is dan prettig, want ze verzorgt de haren en houdt ze soepel, waardoor ze er voller en verzorgder uitzien. Wat ik hier belangrijk vind om te herhalen: dit is verzorging, geen groei. Wimpers hebben hun eigen levenscyclus en die verandert niet door een olie. Maar goed verzorgde wenkbrauwen liggen mooier, breken minder snel en zien er gewoon verzorgder uit. Dat is de winst, en dat is voor de meeste vrouwen precies wat ze zoeken. 2. Droog haar, en dan vooral de lengtes en punten Je haar is anders dan je huid: de haarschacht leeft niet meer. Wat je ziet is keratine, en de buitenkant daarvan bestaat uit een schubbenlaag die als dakpannen over elkaar ligt. Ligt die laag mooi glad, dan weerkaatst je haar het licht en glanst het. Staan de schubben omhoog door hitte, wrijving of droogte, dan grijpen de haren in elkaar, en dat is wat je als pluis en klit ervaart. Een olie legt zich langs die schubben en maakt de buitenkant gladder. Daardoor voedt ze het haar, maakt ze droog haar zachter en glanzender en kam je er makkelijker doorheen. Castorolie is voor dit doel bijna te dik om puur te gebruiken, zeker in fijn haar. Mengen met een lichtere olie werkt in de praktijk veel prettiger, en dat laat ik in het volgende artikel precies zien. 3. De hoofdhuid, met beleid Een hoofdhuidmassage met olie is heerlijk en veel mensen worden er rustig van. Je hoofdhuid is huid, dus dezelfde regels gelden: een olie op de huid maakt haar soepel. Wel twee kanttekeningen. Wie snel glanzend haar heeft, kan olie op de hoofdhuid als zwaar ervaren. En castorolie is zo dik dat je haar na een hoofdhuidmassage twee keer moet wassen. Doe het dus bewust, één keer per week, en verdund. 4. Droge plekken op je lichaam Ellebogen, knieën, hielen, knokkels: de plekken die altijd als eerste droog aanvoelen. Daar komt de dikte van castorolie juist goed van pas, want ze blijft liggen waar je haar aanbrengt en trekt niet meteen in de mouw van je trui. Breng haar aan op een licht vochtige huid, meteen na het douchen, dan sluit je het aanwezige vocht in. Dat maakt echt verschil, veel meer dan wanneer je wacht tot je helemaal droog bent. 5. Nagelriemen en lippen Twee plekken die weinig aandacht krijgen en er snel op vooruit gaan. Eén druppel per hand in je nagelriemen voor het slapen verzorgt de huid rondom je nagels en maakt die soepel. Op je lippen werkt een dunne laag ook, al is de smaak niet iedereen even lief. Doe het dan 's avonds. 6. Als draagolie Castorolie is geschikt als draagolie voor cosmetisch gebruik. Dat betekent dat je haar kunt mengen: met een lichtere olie zoals jojoba of argan om haar makkelijker uitsmeerbaar te maken, of als basis in een zelfgemaakt mengsel. Voor veel mensen is dit trouwens de fijnste manier om castorolie überhaupt te gebruiken. Puur is ze aan de zware kant, verdund heeft ze alle voordelen en kun je haar overal op kwijt. 7. De rijpere huid Castorolie is geschikt voor de rijpere huid. Rond je dertigste verandert de huid geleidelijk: ze wordt wat droger, wat dunner, en het duurt langer voordat ze zich vernieuwt. Een rijke olie voelt dan vaak prettiger dan een lichte. Ze voedt de huid en houdt haar soepel, en daardoor helpt ze fijne lijntjes minder zichtbaar te maken. Belangrijk: dat is een cosmetisch effect, dus zolang je haar gebruikt. Een olie draait geen veroudering terug en dat beloof ik ook niet. Waar castorolie minder geschikt voor is En dan het eerlijke deel. Voor een aantal situaties is dit gewoon niet de handigste olie. Op het hele gezicht bij een huid die snel glanst. Castorolie is rijk en blijft liggen. Wie merkt dat een rijke olie op het gezicht te zwaar zit, gebruikt haar prettiger op het lichaam, in het haar of alleen op de droge zones. Overdag onder make-up. Ze trekt daar te langzaam voor in. Gebruik haar 's avonds, dan heeft ze de hele nacht. Puur in fijn haar. Dat wordt zwaar en plakkerig en het wast lastig uit. Verdunnen is hier het antwoord. Op de ooglijn zelf. Langs de wenkbrauw en over de wimpers: prima. In je oog: niet fijn. Houd afstand van de rand van je ooglid. Verder geldt voor elke nieuwe olie: doe eerst een test in je elleboogholte en wacht een dag. Reageert je huid rustig, dan kun je door. Merk je irritatie, dan stop je gewoon. Zwanger, of gebruik je verzorging op voorschrift, overleg het dan even met je huidprofessional. Van buiten en van binnen Ik zeg altijd dat verzorging twee kanten heeft. Wat je op je huid aanbrengt, werkt van buiten naar binnen. Wat je eet en drinkt, werkt van binnen naar buiten. Je huid vernieuwt zich namelijk continu, en het materiaal daarvoor komt uit je voeding. Die twee kanten doen echt iets anders, en ze vervangen elkaar niet. Dat betekent praktisch: verwacht van een olie wat een olie kan. Ze verzorgt de buitenkant, en dat mag gewoon goed gedaan worden. Wat je eet, hoe je slaapt en hoeveel spanning je meedraagt, dat is een ander gesprek, met een eigen antwoord. Wat je mag verwachten en wanneer Het effect op je huid en haar merk je meteen: soepeler, gladder, glanzender. Dat komt doordat de olie er nog op ligt, en dat is precies de bedoeling. Voor het verzorgde beeld van je wenkbrauwen en je lengtes moet je verder kijken. Reken op vier tot zes weken van consequent gebruik, en oordeel daarvoor niet. In het volgende artikel wordt het praktisch: hoeveel je precies gebruikt, op welk moment, hoe je castorolie uit je haar krijgt en welke fouten ik het vaakst voorbij zie komen. Lees ook Wat is castorolie en waar komt het vandaan? Castorolie gebruiken: hoeveelheid, moment en een simpel weekschema Pure castorolie kiezen: waar je op let

Erfahren Sie mehr
Castor oil hand

Castorolie gebruiken: hoeveelheid, moment en een simpel weekschema

◷ 6 min leestijd We hebben gekeken waar castorolie vandaan komt en waar ze goed voor is. Nu het stuk waar je meteen iets aan hebt: hoe je haar precies gebruikt. Want olie is zo'n product waarbij de manier van aanbrengen echt uitmaakt. Dezelfde fles kan geweldig bevallen of juist tegenvallen, puur door de hoeveelheid en het moment. En bij castorolie geldt dat sterker dan bij welke olie ook, want ze is zo dik dat te veel meteen straft. Ik loop het met je door: eerst je wenkbrauwen en wimpers, dan je haar, dan je huid. En daarna de fouten die ik het vaakst voorbij zie komen, plus een weekschema waarmee je gewoon kunt beginnen. De gouden regel: minder dan je denkt Als je één ding onthoudt, laat het dit zijn. Castorolie doseer je in druppels, niet in scheuten. Voor je wenkbrauwen en wimpers samen heb je aan wat er aan een borstel blijft hangen genoeg. Voor je lengtes is een halve theelepel voor de meeste haarlengtes al ruim. Gebruik je te veel, dan blijft er een laag liggen die niet meer wegtrekt, en dan is de conclusie al snel dat olie niets voor jou is. Terwijl de dosering het probleem was. Warm de olie trouwens altijd even op tussen je handen of tussen je vingers, dan wordt ze dunner en verdeelt ze veel makkelijker. Wenkbrauwen en wimpers Doe dit 's avonds, als laatste stap, op een schoon gezicht zonder oog-make-up. Neem een schone mascaraborstel, een schone wenkbrauwborstel of een wattenstaafje. Ik was zo'n borstel elke week even met wat shampoo en laat hem drogen. Doop de borstel in de olie en veeg het overtollige er aan de rand af. Hij mag absoluut niet druipen. Borstel je wenkbrauwen in de richting waarin ze groeien, van binnen naar buiten. Je verdeelt de olie over de haren en legt ze meteen mooi. Voor je wimpers: strijk voorzichtig over de lengte van je wimpers, van de basis naar de punten, en blijf weg van de rand van je ooglid. Je hoeft niet tot aan de aanzet te gaan. Laat het zitten tot de ochtend. Spoel je gezicht dan af met lauw water. Elke avond is prima. Bij verzorging is consequent zijn belangrijker dan veel gebruiken, en dat is ook meteen het lastigste eraan. Je haar: castorolie als masker voor het wassen Dit is de manier waarop castorolie in je haar het beste tot haar recht komt, en ook de manier die het minst misgaat. Meng haar eerst Puur is castorolie voor de meeste mensen te dik. Meng haar half om half met een lichtere olie, bijvoorbeeld jojoba of argan. Heb je fijn haar, ga dan naar één deel castorolie op twee delen lichte olie. Je houdt de voedende werking en je wast het er veel makkelijker uit. Zo breng je het aan Begin met droog of licht vochtig haar, niet drijfnat. Neem een halve theelepel van het mengsel in je handpalm en wrijf je handen tegen elkaar. Verdeel het door de lengtes en vooral de punten. Blijf van je hoofdhuid af, tenzij je die bewust masseert. Kam het rustig door met een grove kam, zodat het overal komt. Doe je haar in een knot en laat het minimaal een half uur zitten. Een nacht mag ook, leg dan een oude handdoek op je kussen. En zo krijg je het er weer uit Hier gaat het meestal mis, dus let even op. Doe de shampoo op je droge, olieachtige haar, dus vóórdat je het natmaakt. Masseer het goed door, en voeg dan pas water toe. Op die manier bindt de shampoo zich aan de olie in plaats van dat het water haar wegduwt. Was daarna nog een tweede keer met een kleine hoeveelheid shampoo. Klaar. Doe je het andersom, dan blijf je met plakkerige lengtes zitten en denk je onterecht dat de olie niet deugt. En na het wassen Op handdoekdroog haar kun je één druppel van het mengsel door je punten strijken. Dat maakt droog haar zachter en glanzender en helpt tegen pluis. Één druppel, echt niet meer. Hoofdhuidmassage Als je dit fijn vindt: neem het verdunde mengsel, breng het met je vingertoppen in kleine cirkels aan op je hoofdhuid en masseer vijf minuten. Doe dit één keer per week, altijd vóór het wassen, en houd bovenstaande wasvolgorde aan. Wie snel glanzend haar heeft, slaat de hoofdhuid gewoon over en houdt het bij de lengtes. Je huid Voor droge plekken op je lichaam is het simpel: breng de olie aan op een licht vochtige huid, meteen na het douchen. Dat is de belangrijkste tip van dit hele artikel voor je lichaam, want je sluit dan het vocht in dat er nog op zit. Wacht je tot je helemaal droog bent, dan is een deel al verdampt en werkt dezelfde hoeveelheid olie merkbaar minder goed. Voor je nagelriemen: één druppel per hand voor het slapen, even inmasseren. Voor je gezicht: gebruik castorolie 's avonds, verdund met een lichtere olie, en houd het bij de droge zones als je huid overdag snel glanst. De zes fouten die ik het vaakst zie Te veel gebruiken. Verreweg nummer één. Halveer wat je nu gebruikt en kijk of het genoeg is. Meestal wel. Puur gebruiken in het haar. Mengen met een lichtere olie is geen zuinigheid, het is gewoon prettiger en het wast beter uit. Water vóór shampoo bij het uitwassen. Shampoo eerst, op droog haar. Dit lost negen van de tien klaagverhalen over olie in het haar op. Op een kurkdroge huid aanbrengen. Licht vochtig is het moment, meteen na het wassen of douchen. Alles tegelijk veranderen. Voeg één nieuw product per keer toe en geef het een paar weken, anders weet je nooit wat wat deed. Te snel oordelen. Je huid vernieuwt zich in weken, je haar groeit ongeveer een centimeter per maand. Vier tot zes weken, en dan pas terugkijken. Bewaren en houdbaarheid Zet de fles koel en donker weg, dus niet op de vensterbank en niet naast de verwarming. Licht en warmte laten elke plantaardige olie sneller ranzig worden. Draai de dop of de pipet goed dicht, dan komt er minder zuurstof bij. Kijk op de verpakking naar het symbool van de geopende verpakking met een getal en een M erin, bijvoorbeeld 12M: zo lang kun je de olie na openen gebruiken. Ruikt ze scherp of muf, gooi haar dan weg. Een goede castorolie ruikt mild en een beetje aards. Een simpel weekschema om mee te beginnen Als je niet weet waar je moet starten, houd dan dit aan. Elke avond: wenkbrauwen en wimpers met een schone borstel, en één druppel in je nagelriemen. Eén keer per week: een half uur tot een nacht castorolie verdund in je lengtes, vóór het wassen. Shampoo op droog haar, twee keer wassen. Na elke douche: een dunne laag op de droge plekken van je lichaam, op de nog vochtige huid. Twee of drie keer per week: verdund op de droge zones van je gezicht, 's avonds als laatste stap. Meer heb je niet nodig om te merken of castorolie bij je past. Houd dit vier tot zes weken vol en kijk dan pas terug, want eerder zegt het weinig. In het laatste artikel van deze reeks kijken we naar het kopen zelf: waar je op let als je een pure castorolie zoekt, en hoe je aan de fles en het etiket al een hoop kunt zien. Lees ook Wat is castorolie en waar komt het vandaan? Waar is castorolie goed voor? Pure castorolie kiezen: waar je op let

Erfahren Sie mehr
Gouden castorolie die uit een amberkleurige fles in een glazen schaal wordt geschonken

Pure castorolie kiezen: waar je op let

◷ 6 min leestijd Castorolie is een van de simpelste producten die je kunt kopen. Eén plant, één perssnede, één ingrediënt. En juist daarom valt het zo op hoe groot de verschillen zijn tussen de flessen die je tegenkomt. De ene olie is licht goudgeel en ruikt mild, de andere is waterhelder en ruikt nergens naar. De ene kost een paar euro, de andere het vijfvoudige. Wat koop je dan eigenlijk? In dit laatste artikel van de reeks loop ik langs de punten waar ik zelf op let. Neem het gerust mee naar de winkel of houd het ernaast als je online zoekt. 1. Draai de fles om en lees de ingrediëntenlijst Dit is de belangrijkste stap en hij kost je vijf seconden. Op het etiket hoort één ingrediënt te staan: Ricinus Communis Seed Oil. Dat is de internationale naam voor castorolie, en die naam is overal ter wereld hetzelfde, dus je kunt er altijd op terugvallen. Staan er meer ingrediënten, kijk dan goed wat het zijn. Parfum of fragrance is toegevoegde geur, en die heeft een pure olie niet nodig. Paraffinum liquidum of mineral oil is minerale olie, een goedkopere basis die vaak wordt bijgemengd. En een lijst met vijf andere plantaardige oliën is prima als je een mengsel zoekt, maar dan koop je geen castorolie. 2. Koudgeperst en ongeraffineerd Zoals we in het eerste artikel zagen, bepaalt de manier van persen wat er in de fles zit. Koudgeperst betekent dat de zaden mechanisch zijn uitgeperst zonder warmte, waardoor de begeleidende stoffen uit het zaad grotendeels bewaard blijven. Zoek dus naar de woorden koudgeperst of cold pressed op het etiket. Je ziet en ruikt het trouwens ook. Een koudgeperste castorolie is licht goudgeel en heeft een milde, licht aardse geur. Is een olie volkomen kleurloos en ruikt ze naar helemaal niets, dan is ze geraffineerd. Dat is geen ramp, maar het is wel een andere olie dan waar je naar op zoek was. 3. Donker glas, geen doorzichtig plastic Licht en warmte laten elke plantaardige olie sneller ranzig worden. Amberkleurig of donker glas houdt licht tegen en geeft niets af aan de olie. Een doorzichtige plastic fles op een verlichte schap is dus geen best begin, hoe mooi de olie er ook uitziet. Let ook op de sluiting. Een pipet of een druppeldop helpt je enorm bij het doseren, en dat is bij castorolie belangrijker dan bij welke olie ook, want je hebt er zo weinig van nodig. Een wijde schenkopening maakt overdoseren juist heel makkelijk. 4. Reken even de prijs per milliliter uit Flessen komen in allerlei formaten en dat maakt vergelijken lastig. Deel gewoon de prijs door het aantal milliliters, dan zie je in één keer wat je werkelijk betaalt. En trap niet in de val van de grote fles. Bij castorolie gebruik je een paar druppels per keer, dus een fles van 50 ml gaat maanden mee. Koop je 250 ml omdat het per milliliter voordeliger lijkt, dan is de kans groot dat de laatste helft over datum gaat voordat je haar opmaakt. Dan is het uiteindelijk duurder. 5. Houdbaarheid en herkomst Kijk naar het symbool van de geopende verpakking met een getal en een M, bijvoorbeeld 12M. Dat is de periode waarin je de olie na openen kunt gebruiken. Een goede leverancier vermeldt daarnaast waar de zaden vandaan komen en of het product vegan is. Bij castorolie is dat laatste vanzelfsprekend, want het is een plantaardige olie, maar het zegt wel iets over hoe zorgvuldig een merk zijn etiket opstelt. 6. Gele castorolie of black castor oil Kom je Jamaican black castor oil tegen: daarbij zijn de zaden geroosterd en is de as meegeperst, waardoor de olie donkerbruin is en rokerig ruikt. Het is een eigen traditie met een eigen aanhang. Zoek je een pure, neutrale olie die je op je huid, je haar en je wenkbrauwen kunt gebruiken, dan is de koudgeperste gele de veiligste keuze qua geur en kleur. 7. Wat je niet hoeft te betalen Grote woorden op een etiket zeggen weinig. Wat wél iets zegt, staat in kleine letters: het ingrediënt, de perswijze, de verpakking en de houdbaarheid. Een goede castorolie hoeft geen ingewikkeld verhaal te hebben, want het is juist een heel simpel product. Twee tests die je thuis kunt doen Heb je twee flessen naast elkaar staan, dan weet je binnen een minuut welke je prettiger vindt. De geurtest. Ruik aan beide, met een korte pauze ertussen, want je neus went sneller dan je denkt. Een goede castorolie ruikt mild en licht aards, nooit scherp of muf. Ruikt ze naar oude olie, dan is ze over. De handrugtest. Wrijf van elke olie één druppel op de rug van je hand. Castorolie hoort merkbaar stroperig te zijn en blijft even liggen voordat ze intrekt, want dat is precies waar ze het van moet hebben. Voelt een olie dun en waterig aan, dan is er hoogstwaarschijnlijk iets bijgemengd. Onze castorolie Op basis van precies deze punten hebben we onze eigen olie samengesteld. ScKIN Castor Oil is pure, koudgeperste castorolie uit de zaden van Ricinus communis, vegan, in een fles van 50 ml met pipet. Wat ze doet, in gewone taal: castorolie verzorgt wimpers en wenkbrauwen en voedt het haar. Ze maakt droog haar zachter en glanzender. Op je huid maakt ze de huid soepel en helpt ze de huid haar natuurlijke vochtbalans te behouden. Ze is geschikt voor de rijpere huid en helpt fijne lijntjes minder zichtbaar te maken door de huid te voeden en soepel te houden. En ze is geschikt als draagolie voor cosmetisch gebruik, dus je kunt haar prima mengen met een lichtere olie. Wat ze niet doet, hebben we in deze reeks ook eerlijk benoemd: ze laat geen haar groeien. Wat je wel merkt, zijn verzorgde wenkbrauwen en wimpers en zachtere, glanzendere lengtes. Voor mij is dat precies genoeg reden om zo'n fles op je badkamerplank te hebben staan. Bekijk ScKIN Castor Oil Van buiten en van binnen Ik zeg het in elke reeks over oliën, en ik blijf het zeggen. Verzorging heeft twee kanten. Wat je op je huid aanbrengt, werkt van buiten naar binnen. Wat je eet en drinkt, werkt van binnen naar buiten. Je huid vernieuwt zich continu en het materiaal daarvoor komt uit je voeding, dus een olie is nooit een vervanging voor gevarieerd eten, genoeg drinken en fatsoenlijk slapen. Maar het stuk dat je aan de buitenkant doet, mag gewoon goed zijn. En daar heb je eigenlijk verrassend weinig voor nodig: één eerlijke olie, de juiste hoeveelheid en een beetje geduld. Tot slot Als je één ding uit deze reeks meeneemt, laat het dan dit zijn: draai de fles om en lees de ingrediëntenlijst. Staat daar één ingrediënt, is de olie koudgeperst, zit ze in donker glas en ruikt ze mild, dan zit je goed. Gebruik daarna minder dan je denkt, doe het 's avonds, en geef het vier tot zes weken. Kom je er niet uit welke olie bij jouw huid past, stel je vraag dan gerust. We denken graag met je mee. Lees ook Wat is castorolie en waar komt het vandaan? Waar is castorolie goed voor? Castorolie gebruiken: hoeveelheid, moment en een simpel weekschema

Erfahren Sie mehr