Zum Inhalt springen

Back to School- doe de gratis Quiz

Mit „Ausgezeichnet“ bewertet | Rezensionen lesen

Der ScKIN Club: Jetzt beitreten + 25 Punkte

Bestellung vor 12:00 Uhr, Lieferung am nächsten Werktag*

Kostenloser Versand ab 50 EUR (NL)

Castorbonen en een blad van de wonderboom naast een glazen schaal met olie

Wat is castorolie en waar komt het vandaan?

◷ 7 min leestijd

Castorolie is zo'n product dat al jaren meegaat en toch steeds opnieuw opduikt. Je ziet het bij de drogist staan, je hoort erover in gesprekken over wenkbrauwen, en de kans is groot dat je moeder of je oma er ook al iets mee deed. Maar als ik vraag wat het eigenlijk is, blijft het vaak stil. Een olie, ja. Uit een plant, ergens. En verder?

Ik vind dat eigenlijk jammer, want als je weet waar iets vandaan komt en hoe het is opgebouwd, snap je meteen veel beter waarom je het op de ene manier wel gebruikt en op de andere manier niet. Daarom begin ik deze reeks bij de basis: welke plant het is, hoe de olie gemaakt wordt, wat erin zit, en waarom castorolie zo anders aanvoelt dan bijna elke andere plantaardige olie die je kent.

De plant: de wonderboom

Castorolie komt uit de zaden van Ricinus communis, in het Nederlands de wonderboom genoemd. In warme streken groeit die uit tot een echte boom van een paar meter hoog. Bij ons haalt hij dat niet, want de eerste vorst is het einde van het verhaal, en daarom zie je hem hier vooral als sierplant in tuinen staan. Je herkent hem aan de grote handvormige bladeren en de roodachtige stengels. Best een indrukwekkende verschijning.

Na de bloei komen er stekelige vruchten aan, en in elke vrucht zitten drie zaden. Die zaden lijken op gespikkelde bonen: glanzend, bruin gemarmerd, een paar millimeter groot. Daar zit de olie in, en dan meteen in flinke hoeveelheid, want zo'n zaad bestaat voor ongeveer de helft uit vet. India is veruit de grootste producent van de wereld, gevolgd door China en Brazilië.

De naam wonderboom komt trouwens uit de bijbel, uit het verhaal van Jona die schaduw krijgt van een plant die in één nacht opschiet. Of dat exact deze plant was, daar zijn geleerden het niet over eens, maar de naam is blijven hangen.

Van zaad naar olie

De zaden worden geperst, en de manier waarop dat gebeurt bepaalt voor een groot deel wat je uiteindelijk in de fles hebt. Er zijn ruwweg twee routes.

Koudgeperst betekent dat de zaden mechanisch worden uitgeperst zonder dat er warmte aan te pas komt. Wat eruit komt is een licht goudgele, stroperige olie met een eigen, milde geur. De begeleidende stoffen uit het zaad, zoals vitamine E, blijven daarbij grotendeels bewaard. Voor cosmetisch gebruik is dit de versie waar je naar op zoek bent.

Geraffineerd wil zeggen dat de olie na het persen nog een aantal bewerkingen ondergaat met warmte, waardoor ze vrijwel kleurloos en geurloos wordt en langer houdbaar is. Handig voor de industrie, en niets mis mee, alleen verdwijnt er onderweg wel wat van het karakter van de olie. Zie je een castorolie die volstrekt kleurloos en reukloos is, dan weet je dus welke route ze heeft afgelegd.

En dan de vraag over ricine

Deze krijg ik vaak, en terecht, dus laat ik er helder over zijn. In het zaad van de wonderboom zit ricine, een eiwit dat giftig is als je rauwe zaden zou eten. Dat is precies de reden dat je de plant en de zaden buiten bereik van kinderen en huisdieren houdt.

Maar ricine is een eiwit, en eiwitten lossen niet op in vet. Bij het persen blijft het daarom achter in de perskoek, het vaste deel dat overblijft, en gaat het niet mee de olie in. Wat er eventueel nog van over is, wordt bij de verdere bewerking onwerkzaam gemaakt. De castorolie die je als verzorgingsproduct koopt, bevat het dus niet. Wat je in je handen hebt is gewoon een plantaardige olie voor uitwendig gebruik.

Waarom castorolie zo dik is

En dan het stuk dat castorolie echt bijzonder maakt. De meeste plantaardige oliën zijn een mengsel van allerlei vetzuren. Bij castorolie is dat anders: ongeveer 85 tot 90 procent bestaat uit één en hetzelfde vetzuur, ricinoleïnezuur. Dat kom je in de natuur nauwelijks ergens anders zo geconcentreerd tegen.

Het aardige is dat je aan de vorm van dat vetzuur meteen kunt zien waarom de olie zo aanvoelt. Stel je een vetzuur voor als een lange gladde draad. In de meeste oliën liggen die draden los langs elkaar en glijden ze makkelijk langs elkaar heen, en dat merk je: de olie is dun en vloeit snel weg. Ricinoleïnezuur heeft halverwege de keten een extra groep zitten, een soort haak. Al die haken blijven onderling aan elkaar hangen, en daardoor glijden de draden veel minder makkelijk. Dat is precies wat je voelt als je castorolie tussen je vingers wrijft: stroperig, bijna als dunne honing, terwijl bijvoorbeeld arganolie meteen wegloopt.

Daarnaast zitten er kleinere hoeveelheden oliezuur en linolzuur in, en van nature wat vitamine E. Maar het verhaal van castorolie is echt het verhaal van dat ene vetzuur.

Die dikte heeft in de praktijk vier gevolgen, en die kun je maar beter weten voordat je begint. Je hebt heel weinig nodig. De olie trekt langzamer in dan je gewend bent. Ze blijft als een dunne film op de huid liggen in plaats van meteen te verdwijnen. En in je haar is ze puur soms lastig uit te wassen, waardoor veel mensen castorolie mengen met een lichtere olie. In het derde artikel van deze reeks laat ik precies zien hoe je dat doet.

Waarom een olie die blijft liggen prettig is voor je huid

Om te snappen waarom die film juist fijn is, helpt het om te weten hoe de buitenste laag van je huid in elkaar zit. Ik leg het altijd uit als een muurtje. De huidcellen zijn de stenen, en de vetten daartussen zijn de specie. Zolang die specie netjes op zijn plek zit, houdt je huid haar vocht binnen en blijft er van buiten weinig ongewenst binnenkomen. Je huid is namelijk een grensgebied, dat is haar hele werk.

Wordt de specie dunner, dan gebeuren er twee dingen tegelijk. Je huid verliest sneller vocht, waardoor ze trekkerig en droog aanvoelt. En prikkels van buitenaf komen makkelijker binnen, waardoor je huid gevoeliger reageert dan je van haar gewend bent. Wat die specie uitput is meestal heel alledaags: te heet douchen, te vaak en te stevig reinigen, droge binnenlucht van de verwarming, koude wind.

Een olie die op de huid blijft liggen, remt dat vochtverlies af. Ze maakt de huid soepel en helpt de huid haar natuurlijke vochtbalans te behouden. Dat is cosmetische verzorging aan de buitenkant, en zo moet je het ook zien: het is de bescherming van dat muurtje, niet iets wat in je lichaam gebeurt.

Een olie met een lange geschiedenis

Castorolie wordt al duizenden jaren gebruikt. In het oude Egypte brandde ze in lampen en werd ze op huid en haar gebruikt. In de vorige eeuw was ze een gewild smeermiddel voor vliegtuig- en racemotoren, juist vanwege die stroperigheid die bij hoge temperaturen goed standhoudt. En vandaag kom je haar tegen in van alles, van cosmetica tot lakken en kunststoffen. In een fles op je badkamerplank zit dus een olie met een verrassend industrieel cv.

Gele castorolie en black castor oil

Je komt twee soorten tegen en het is handig het verschil te kennen. De gewone, koudgeperste castorolie is licht goudgeel met een milde geur. Bij Jamaican black castor oil worden de zaden eerst geroosterd en wordt de as meegeperst, waardoor de olie donkerbruin is en rokerig ruikt. De ene is niet beter dan de andere, het zijn gewoon twee tradities. Wil je een pure, neutrale olie die je overal voor kunt gebruiken, dan is de koudgeperste gele de logische keuze.

Wat castorolie wel en niet is

Tot slot iets waar ik graag eerlijk over ben, want rond deze olie hangt nogal wat verwachting. Castorolie is een cosmetische verzorgingsolie. Ze verzorgt je wimpers en wenkbrauwen, ze voedt het haar, ze maakt droog haar zachter en glanzender en ze maakt de huid soepel. Dat is wat een olie doet, en dat is best veel.

Wat ze niet doet, is haar laten groeien. Dat wordt vaak beweerd en het mag ook niet zo gezegd worden, want daar is het geen middel voor. Wat mensen wel merken is dat goed verzorgde wenkbrauwen en wimpers er voller en verzorgder uitzien, en dat is iets anders. Ik zeg altijd: verwacht verzorging, geen toverstok. En geef het tijd, want je huid vernieuwt zich in weken en je haar groeit ongeveer een centimeter per maand. Vier tot zes weken is een eerlijke termijn om iets te merken.

In het volgende artikel loop ik langs alles waar castorolie in de praktijk voor gebruikt wordt, en net zo belangrijk: waar ze minder geschikt voor is.

Lees ook