Zum Inhalt springen

Mit „Ausgezeichnet“ bewertet | Rezensionen lesen

Der ScKIN Club: Jetzt beitreten + 25 Punkte

Bestellung vor 12:00 Uhr, Lieferung am nächsten Werktag*

Kostenloser Versand ab 50 EUR (NL)

ScKIN Journal

Vrouw wandelt buiten in het ochtendlicht

Van ochtendlicht tot nachtrust: dagelijkse gewoontes voor je weerstand

◷ 7 min leestijd In de eerste twee artikelen keken we naar hoe je afweer dag en nacht werkt, en wat spanning, slaap en het seizoen met dat ritme doen. Nu het praktische deel, want daar heb je uiteindelijk het meest aan. Ik loop met je langs een gewone dag, van het eerste licht tot het moment dat je in bed ligt. Je hoeft dit echt niet allemaal tegelijk te doen; kies er twee of drie uit en houd die vol. De ochtend: geef je klok een duidelijk startsein Het belangrijkste moment van je hele dag zit in het eerste uur. Je hoofdklok wordt gelijkgezet door licht, en hoe helderder het signaal, hoe scherper je ritme staat. Ga daarom in de ochtend naar buiten, ook al is het bewolkt en ook al is het maar tien minuten. Buiten is het op een grijze dag nog altijd vele malen lichter dan binnen bij de lamp, en dat verschil is precies waar je klok op reageert. Twee praktische manieren om dat vol te houden: koppel het aan iets wat je toch al doet, zoals je eerste koffie buiten drinken of de eerste tien minuten van je woon-werkroute lopend of fietsend afleggen. En zet in de winter je bureau of je ontbijtplek zo dicht mogelijk bij een raam. Beweeg liever in de ochtend dan laat op de avond Bewegen geeft een stijging van cortisol, en dat past goed bij de dagdienst. In de ochtend of ergens overdag werkt sporten daarom prettiger voor je ritme dan vlak voor het slapengaan. Train je toch graag in de avond, plan het dan liever vroeg op de avond en bouw daarna echt af met rustiger licht en rustiger activiteiten. Zet iets van eiwit bij je ontbijt Een ontbijt van alleen snelle koolhydraten geeft een piek en daarna een dip, en dat patroon zet zich de rest van de dag voort. Combineer je koolhydraten met wat eiwit en vezels en je houdt een veel gelijkmatiger lijn: yoghurt met noten en zaden, volkorenbrood met ei, havermout met een lepel notenpasta. Je eiwitten leveren bovendien de bouwstoffen waarvan je lichaam in de loop van de dag en de nacht van alles maakt. Overdag: kleur op je bord en beweging tussendoor Overdag draait het vooral om twee dingen: wat er binnenkomt, en of je in beweging blijft. Voor wat er binnenkomt heb ik één simpele vuistregel die beter werkt dan welke lijst ook: let op kleur. Groen, rood, oranje, paars, en elke dag iets anders dan gisteren. Verschillende kleuren staan voor verschillende voedingsstoffen, dus door op kleur te variëren krijg je vanzelf een breder aanbod binnen zonder dat je ergens iets voor hoeft op te zoeken. Vitamine C zit bijvoorbeeld ruim in paprika, kool, broccoli, kiwi en citrusfruit. Vitamine A haal je uit oranje en donkergroene groenten. Zink zit onder andere in noten, zaden, peulvruchten en vlees. Vitamine D zit maar in weinig voeding, vooral in vette vis zoals haring en zalm, in eidooier en in paddenstoelen. Kook je vitamine C-rijke groenten kort en niet in veel water, want vitamine C is wateroplosbaar en verdwijnt deels in het kookvocht. Stomen, roerbakken of kort blancheren houdt er meer van over dan een kwartier zachtjes koken. En dan bewegen. Niet als prestatie, maar als onderbreking. Elke keer dat je opstaat en een paar minuten loopt, geef je je systeem een kleine prikkel en houd je je energie gelijkmatiger. Een telefoongesprek lopend voeren of na de lunch een rondje om het blok doet meer dan je zou denken. Drink verspreid over de dag Water klinkt saai, maar je slijmvliezen zijn afhankelijk van vocht om soepel te blijven, en dat zijn precies die grensposten waar het meeste werk gebeurt. Een fles op je bureau en een glas bij elke maaltijd is de eenvoudigste manier om daar zonder nadenken op te blijven zitten. De avond: bouw het licht af Vanaf een uur of acht 's avonds begint het deel van de dag dat de meeste mensen overslaan, en waar in mijn ervaring de meeste winst zit. Je lichaam begint melatonine te maken als het om je heen donkerder wordt. Fel licht, en dan vooral blauwachtig licht van schermen en ledlampen, houdt dat tegen. Praktisch: dim de verlichting in huis, zet je schermen op een warmere stand, en probeer het laatste halfuur voor bed zonder scherm te doen. Een schemerlamp in plaats van het plafondlicht doet echt iets, hoe simpel het ook klinkt. Wees ook voorzichtig met alcohol in de avond. Het voelt ontspannend, maar het breekt melatonine juist af, en daarmee haal je het signaal weg waar je hele nachtprogramma op start. Je valt er misschien sneller van in slaap, maar de nacht zelf levert minder op. Geef je spijsvertering 's nachts vrij Je lichaam doet zijn onderhoudswerk het liefst op een moment dat er verder weinig te verteren valt. Als je erin slaagt om tussen je laatste hap 's avonds en je eerste hap de volgende ochtend een ruime periode te laten zitten, geef je dat werk de ruimte. Voor de meeste mensen komt dat er praktisch op neer dat je om een uur of acht klaar bent met eten en de volgende ochtend gewoon op je normale tijd ontbijt. Doe dit op je eigen manier en forceer niets; het gaat om de rust, niet om de klok. De nacht: regelmaat boven lengte Voor je nachtrust is regelmaat belangrijker dan het exacte aantal uren. Ga rond dezelfde tijd naar bed en sta rond dezelfde tijd op, ook in het weekend. Een uitschieter af en toe is prima, maar een structureel verschil van twee of drie uur tussen doordeweeks en weekend zet je klok elke week opnieuw op scherp. Je begint de maandag dan eigenlijk met een lichte vorm van jetlag. Verder helpt een koele, donkere slaapkamer. Je lichaamstemperatuur hoort 's nachts te dalen, en een warme kamer werkt dat tegen. Zet de verwarming laag, houd het donker, en houd de telefoon uit de slaapkamer als dat lukt. Verzorg je grenzen Tot slot de douaneposten uit het eerste artikel. Hoe beter de conditie daarvan, hoe minder er verderop nodig is. Adem door je neus. Je neus verwarmt, bevochtigt en filtert de lucht voordat die verder gaat. Door je mond ademen slaat dat allemaal over. Was je handen op logische momenten. Bij thuiskomen en voor het eten, dat is genoeg. Hoe vaker en heter je wast, hoe meer je de beschermende vetlaag van je handen wegneemt. Wees mild voor je huid. Lauw water in plaats van heet, een milde reiniging, en verzorging aanbrengen op een licht vochtige huid. Lucht je huis. Droge binnenlucht van de verwarming maakt je slijmvliezen droger. Tien minuten ramen open per dag, en een bak water bij de radiator als je vloerverwarming hebt. Hoe je dit volhoudt Kies er twee of drie uit. Echt, niet meer. Mijn suggestie als je niet weet waar je moet beginnen: het ochtendlicht, de vaste bedtijd en de kleur op je bord. Dat zijn de drie die het meeste dragen en die het minst van je vragen. Houd die een aantal weken vol voordat je iets nieuws toevoegt. Je lichaam werkt in ritmes van dagen en weken, dus geef het die tijd. En verwacht geen omslag van het ene op het andere moment; het gaat om een lijn die de goede kant op loopt. In het laatste artikel van deze reeks kijk ik naar het stuk van binnenuit: welke voedingsstoffen hierbij een erkende rol spelen, en hoe je daar praktisch voor zorgt in de maanden waarin het lastiger is om alles uit je voeding te halen. Dit is deel 3 van een reeks van 4. In het laatste deel, Vitamine C, vitamine D en 89 ingrediënten: de Weerstand Bundle, lees je welke producten hierbij passen. Lees ook Hoe je immuunsysteem dag en nacht voor je werkt Wat stress, slaap en seizoen met je weerstand doen Vitamine C, vitamine D en 89 ingrediënten: de Weerstand Bundle

Erfahren Sie mehr
Vrouw kijkt naar buiten door een hoog raam in zacht winterlicht

Wat stress, slaap en seizoen met je weerstand doen

◷ 7 min leestijd In het vorige artikel nam ik je mee in het ritme van je afweer: overdag hebben je hersenen voorrang, 's nachts krijgt je immuunsysteem de ruimte. Nu kijken we naar wat dat ritme uit balans kan brengen. Drie dingen komen daarbij steeds terug, en ze grijpen ook nog eens op elkaar in: spanning, slaap en het seizoen. Wat stress eigenlijk is Laat ik beginnen met wat we in mijn vak onder stress verstaan, want dat is breder dan hoe we het woord in het dagelijks leven gebruiken. Stress is elke situatie waarin het evenwicht in je lichaam onder druk komt te staan. Dat kan van binnenuit komen of van buitenaf, en het kan net zo goed lichamelijk zijn als psychisch. Een deadline, een verhuizing, een slechte nacht, een intensieve training, kou, of een infectie: voor je lichaam zijn dat allemaal verstoringen van hetzelfde evenwicht, en het reageert er in de kern hetzelfde op. Er komen twee golven Wat er dan gebeurt, gaat in twee golven. De eerste golf is snel. Je zenuwstelsel schakelt om en er komt adrenaline en noradrenaline vrij. Je hart gaat sneller, je ademhaling gaat sneller, je bloeddruk gaat omhoog, je aandacht versmalt naar wat er nú toe doet. Tegelijk zet je lichaam alles stil wat op de lange termijn gericht is, want dat kan wachten. Dat is de reden dat je in een hectische periode geen zin hebt om aan grote projecten te beginnen: je systeem staat op de korte termijn afgesteld. De tweede golf komt daar wat later achteraan en loopt via je hormonen. Via een cascade vanuit je hersenen komt uiteindelijk cortisol vrij uit je bijnieren. Die tweede golf zorgt ervoor dat je het langer volhoudt, onder andere door er suiker beschikbaar te maken voor je spieren en je hoofd. Zowel cortisol als adrenaline hebben een remmende werking op je afweer. Dat is geen ontwerpfout. Op het moment dat je moet handelen, is het handig dat je immuunsysteem even een toontje lager zingt. Zodra de situatie voorbij is, gaat alles keurig terug naar de uitgangsstand, en pakt je afweer de draad weer op. Het verschil tussen kort en lang Dat terugveren is precies waar het om draait. Bij een korte, heftige situatie schiet je systeem omhoog en zakt het daarna weer netjes terug. Dat kan je lichaam uitstekend hebben, en je wordt er eigenlijk sterker van. Anders wordt het als de spanning blijft. Dan blijven die systemen aan staan, ook als de aanleiding allang weg is, of als er steeds een nieuwe aanleiding overheen komt. En dan gebeurt er iets wat ik heel graag uitleg, omdat het zoveel verklaart. Je zenuwstelsel gaat bij aanhoudende spanning steeds gevoeliger reageren: steeds kleinere aanleidingen geven steeds sneller een reactie. Je hormonale kant doet ondertussen precies het omgekeerde en gaat juist doffer reageren. Die twee lopen daardoor uit de pas. Waar ze normaal netjes samenwerken, raken ze ontkoppeld. Je herkent dat vaak aan het gevoel dat je tegelijk opgejaagd én moe bent. Alert op alles, en toch geen energie. Dat is niet raar, dat is precies wat er gebeurt als die twee systemen niet meer gelijk lopen. En wat doet dat met de nachtdienst Hier komt het ritme uit het vorige artikel weer terug. Normaal gesproken loopt cortisol in een duidelijke golf: een piek vlak na het wakker worden, dalend door de dag heen, en de laagste waarden in de eerste helft van de nacht. Melatonine doet precies het tegenovergestelde, en die twee lossen elkaar netjes af. Bij aanhoudende spanning wordt die golf vlakker, of hij verschuift. En dan gaan de twee curves elkaar overlappen in plaats van afwisselen. Op het moment dat je lichaam eigenlijk de nachtdienst wil starten, staat de dagdienst er nog. Dat is waarom mensen in drukke periodes vaak moeilijk tot rust komen terwijl ze bekaf zijn, en waarom die nachten ook minder opleveren. Slaap is de werkplaats Daarmee zijn we bij slaap. Ik zeg altijd: slaap is geen pauze, slaap is de werkplaats. Het herstelwerk in je hersenen en het onderhoud in de rest van je lichaam gebeuren juist in de diepe slaap, en daar kun je niet omheen. Je kunt het ook niet inhalen door in het weekend twee keer zo lang te liggen, want dan schuift je hele ritme mee en begin je maandag met een klok die niet meer klopt. Wat daarbij helpt om te weten: die diepe slaap zit vooral in het eerste deel van de nacht. Op tijd beginnen levert je daarom meer op dan later beginnen en later opstaan. En rust in je lichaam betekent ook echt rust: een lange periode waarin je spijsvertering niets hoeft te doen, geeft je systeem ruimte om aan onderhoud toe te komen. En dan het seizoen Dan het laatste stuk, en dat is in Nederland een verhaal apart. Vitamine D maak je zelf aan in je huid, maar alleen als de zon hoog genoeg staat. In de zomermaanden, grofweg van mei tot september, staat de zon zo boven ons land dat dat lukt, mits je ook daadwerkelijk buiten bent met een stuk blote huid. Van november tot maart staat de zon te laag en gebeurt dat vrijwel niet, hoe helder de dag ook is. Wat mensen vaak verrast: ook in de zomer valt het soms tegen. We werken binnen, we gaan bedekt naar buiten, en veel van onze buitentijd zit in de vroege ochtend of de late avond wanneer de zon daar te laag voor staat. Daar komt bij dat iemand met een donkere huid er ongeveer tien keer zo lang over doet om dezelfde hoeveelheid aan te maken als iemand met een lichte huid. En bij het ouder worden wordt de huid dunner, waardoor die aanmaak ook minder vlot gaat. Wat er in de donkere maanden nog meer verandert, is het licht zelf. Je hoofdklok wordt gelijkgezet door licht, en in de winter krijgt die veel minder duidelijke signalen: het is 's ochtends laat licht en 's avonds vroeg donker, en binnen brandt er van alles. Je ritme wordt daardoor vager, precies in de periode dat er sowieso meer van je afweer wordt gevraagd. Welke stoffen in zulke periodes harder meedraaien In periodes van veel spanning zie je de behoefte aan een aantal stoffen oplopen, simpelweg omdat ze meer worden verbruikt. Magnesium is daar een duidelijk voorbeeld van: uit onderzoek is gebleken dat mensen onder spanning er vier keer zoveel van uitscheiden via de urine als normaal, en dat geldt net zo goed voor lichamelijke belasting zoals zwaar werk of intensief sporten. Vitamine C is een tweede. Dat wordt niet opgeslagen, dus wat er vandaag binnenkomt is wat je vandaag hebt, en het verbruik ligt in belastende periodes hoger. Verder draaien de B-vitamines mee in het vrijmaken van energie uit je voeding, en spelen zink en vitamine A een rol bij de conditie van je huid en je slijmvliezen, die douaneposten van je lichaam. Wat ik hier belangrijk vind om bij te zeggen: dit is geen reden om in de stress te schieten over stoffen. Het is vooral een reden om te snappen dat je lichaam in een drukke maand simpelweg meer verbruikt dan in een rustige maand, en dat het dan logisch is om je basis wat breder te houden. Waar dit naartoe gaat Spanning, slaap en seizoen grijpen dus alle drie aan op hetzelfde punt: het ritme waarin je lichaam zijn werk verdeelt. Het mooie is dat je aan alle drie iets kunt doen, en vaak met kleinere aanpassingen dan je denkt. In het volgende artikel loop ik met je langs je dag, van het eerste licht in de ochtend tot het moment dat je gaat slapen, en laat ik zien waar je de meeste winst haalt. Dit is deel 2 van een reeks van 4. In het laatste deel, Vitamine C, vitamine D en 89 ingrediënten: de Weerstand Bundle, lees je welke producten hierbij passen. Lees ook Hoe je immuunsysteem dag en nacht voor je werkt Van ochtendlicht tot nachtrust: dagelijkse gewoontes voor je weerstand Vitamine C, vitamine D en 89 ingrediënten: de Weerstand Bundle

Erfahren Sie mehr
Vrouw slaapt in een licht, rustig ingerichte slaapkamer bij het eerste daglicht

Hoe je immuunsysteem dag en nacht voor je werkt

◷ 8 min leestijd Je kent dat wel, zo'n week waarin alles net iets te vol zit. Je gaat later naar bed dan je wilde, je eet wat er voorhanden is, en aan het eind van die week voel je je gewoon minder fit dan normaal. En dan denk je: hoe kan dat, ik heb toch niks geks gedaan? Wat ik vanuit mijn achtergrond in de orthomoleculaire geneeskunde en de kPNI zo interessant vind, is dat je afweer in zo'n week eigenlijk gewoon zijn werk heeft gedaan, alleen onder lastigere omstandigheden. Want je immuunsysteem is geen alarm dat pas afgaat als er iets binnenkomt. Het is de hele dag en de hele nacht bezig, alleen op heel verschillende manieren. In dit artikel neem ik je mee in dat ritme, want als je dat eenmaal ziet, ga je een heleboel dingen anders begrijpen. Je afweer is nooit klaar Laten we beginnen bij wat je afweer eigenlijk doet. We denken bij het immuunsysteem vaak aan ziek worden, aan een virus dat langskomt en een lichaam dat terugvecht. Dat is één onderdeel. Het grootste deel van het werk is veel alledaagser: opruimen, herstellen, en de hele tijd beoordelen wat er voorbijkomt en of dat erbij hoort of niet. Dat beoordelen gebeurt vooral op de plekken waar je lichaam contact maakt met de buitenwereld. Je huid, je luchtwegen, je ogen, en de hele binnenkant van je spijsvertering. Ik noem dat altijd de douaneposten van je lichaam. Daar staat de bewaking, daar wordt gekeken wat er binnen mag en wat niet, en daar wordt het meeste werk verzet. Je merkt daar in gezonde omstandigheden helemaal niets van, en dat is precies de bedoeling. Wat wel meespeelt: hoe steviger die grenzen zijn, hoe rustiger de bewaking kan werken. Een huid die goed in conditie is en slijmvliezen die soepel en vochtig blijven, doen al een enorm deel van het werk voordat er ook maar één afweercel aan te pas komt. Twee systemen die allebei veel vragen Hier wordt het interessant. Binnen de kPNI kijken we heel vaak naar energie, want uiteindelijk draait bijna alles daarop. Je lichaam heeft namelijk een soort rangorde in wie er als eerste energie krijgt, en je hersenen staan daarin standaard bovenaan. Die zijn duur in onderhoud en die geven hun plek niet zomaar op. Je immuunsysteem is in rust juist opvallend goedkoop. Zolang er niets aan de hand is, kost het relatief weinig. Maar zodra het echt aan de slag moet, verandert dat radicaal: dan kan je afweer een enorm deel van alle beschikbare energie naar zich toe trekken. Je voelt dat zelf ook, want als je lichaam ergens mee bezig is, ben je moe, heb je weinig trek en wil je vooral liggen. Dat is geen zwakte, dat is je lichaam dat de energie verlegt naar waar die op dat moment het hardst nodig is. En daar zit meteen het probleem: twee systemen die allebei veel kunnen vragen, kunnen niet tegelijk vol aan. Dan ontstaat er een conflict. De oplossing die je lichaam daarvoor heeft gevonden, is eigenlijk heel elegant. Daarom werkt je lichaam in ploegendienst Je lichaam heeft dat conflict opgelost met een ploegendienst. Overdag hebben je hersenen voorrang. Cortisol en adrenaline, de stoffen die je overdag alert en actief houden, zetten je afweer wat zachter. Dat is geen sabotage, dat is verdeling: je moet overdag kunnen denken, werken, reageren en bewegen, en dan is het handig als je lichaam niet tegelijk een grote verbouwing aan het draaien is. En dan valt het donker, je gaat slapen, en de dienst wisselt. Kort nadat je in slaap valt, komen er stoffen vrij die precies het omgekeerde doen. Groeihormoon, prolactine en melatonine geven je afweer juist ruimte om aan het werk te gaan. De nacht is dus niet de tijd waarin er niets gebeurt, het is de tijd waarin het andere werk gebeurt: herstellen, opruimen, vernieuwen. Ik vind dit zo'n mooi beeld, omdat het meteen duidelijk maakt waarom een structureel korte nacht zoveel doet. Je haalt dan niet alleen uren slaap weg, je haalt werktijd weg bij de ploeg die 's nachts aan de beurt is. Waarom dat ritme op zichzelf al belangrijk is En dan iets wat vaak wordt overgeslagen. Het gaat niet alleen om hoevéél van een stof er is, het gaat ook om het op en neer gaan ervan. In je lichaam wisselt bijna alles in een ritme van ongeveer vierentwintig uur: hormonen, neurotransmitters, je temperatuur, je bloeddruk. Elke stof heeft daarin zijn eigen moment. Dat op en neer gaan heeft een functie. Op het moment dat er weinig van een stof aanwezig is, staan de ontvangers in je cellen juist heel gevoelig afgesteld, en op het moment dat er veel is, zijn er minder ontvangers actief. Zo houdt je lichaam zichzelf scherp. Ligt een stof daarentegen de hele dag op hetzelfde niveau, dan gebeurt er één van twee dingen: je systeem gaat er steeds sterker op reageren, of het gaat er juist steeds minder op reageren. Allebei kosten je flexibiliteit, en flexibiliteit is precies waar gezondheid op drijft. Dus als ik zeg dat ritme belangrijk is, bedoel ik niet alleen dat je op tijd naar bed moet. Ik bedoel dat het wisselen zélf, die golf van hoog naar laag en terug, onderdeel is van hoe je lichaam werkt. Licht is de belangrijkste tijdgever Wie houdt dat allemaal bij? Er zit een soort hoofdklok in je hersenen, in een klein gebied in de hypothalamus. Die hoofdklok stuurt de rest aan. En het bijzondere is dat vrijwel elk orgaan daarnaast ook nog zijn eigen klok heeft: je lever, je nieren, je darm, je afweercellen. Die lopen normaal gesproken netjes gelijk met de hoofdklok. Wat die hoofdklok gelijkzet, is vooral licht. Licht is verreweg de sterkste tijdgever die we kennen. Daarom doet het er zoveel toe dat je in de ochtend echt daglicht ziet en dat het 's avonds om je heen rustiger en donkerder wordt. Je geeft je lichaam daarmee de informatie waarop het zijn hele planning baseert. Andere dingen praten mee, zoals wanneer je eet en wanneer je beweegt, maar licht is de baas. En waar komen voedingsstoffen dan binnen Al dat werk, zowel de dagdienst als de nachtdienst, draait op bouwstoffen. Vitamines en mineralen zijn in je lichaam een soort meewerkers: ze maken processen mogelijk zonder dat ze zelf opgaan in het eindproduct. In mijn vak noemen we die meewerkers cofactoren. Ontbreekt er ergens een schakel in de keten, dan stokt het proces, hoeveel je van al het andere ook hebt. Een paar daarvan zijn in dit verhaal extra de moeite waard om te kennen. Vitamine C bijvoorbeeld kan de mens, anders dan de meeste zoogdieren, niet zelf aanmaken. Wij missen daar een enzym voor, dus we zijn volledig afhankelijk van wat er op ons bord ligt. En omdat vitamine C wateroplosbaar is, wordt het niet opgeslagen in je vetweefsel; wat je vandaag niet gebruikt, gaat er gewoon weer uit. Dat maakt dat het elke dag opnieuw moet binnenkomen. Vitamine D werkt precies andersom. Die maak je zelf aan in je huid onder invloed van zonlicht, en je slaat hem op in je vetweefsel. Daarna moet hij nog geactiveerd worden, en dat gebeurt in je lever en je nieren, met magnesium als meewerker in meerdere stappen. Een stof die dus een hele route aflegt voordat hij kan doen wat hij moet doen. Verder spelen zink en vitamine A hier mee, allebei stoffen die te maken hebben met de conditie van je huid en je slijmvliezen, precies die douaneposten van daarnet. En de B-vitamines draaien overal mee in het vrijmaken van energie uit je voeding, wat weer nodig is voor élk van die processen. Wat ik je hieruit mee wil geven Als je één ding onthoudt van dit artikel, laat het dan zijn dat je afweer geen knop is die aan of uit staat, maar een ploegendienst die dag en nacht doorloopt. De dagdienst en de nachtdienst hebben allebei hun eigen werk, en ze hebben allebei ruimte nodig. Dat betekent ook dat de dingen die dat ritme in de war sturen, meer doen dan alleen je vermoeid maken. In het volgende artikel kijk ik naar de drie die in mijn ervaring het vaakst meespelen: spanning, slaap en het seizoen waarin we leven. Juist in Nederland is dat laatste een verhaal apart. Dit is deel 1 van een reeks van 4. In het laatste deel, Vitamine C, vitamine D en 89 ingrediënten: de Weerstand Bundle, lees je welke producten hierbij passen. Lees ook Wat stress, slaap en seizoen met je weerstand doen Van ochtendlicht tot nachtrust: dagelijkse gewoontes voor je weerstand Vitamine C, vitamine D en 89 ingrediënten: de Weerstand Bundle

Erfahren Sie mehr
Flatlay met citrusfruit, paprika, bladgroenten, paddenstoelen, zalm, noten en zaden

Vitamine C, vitamine D en 89 ingrediënten: de Weerstand Bundle

◷ 7 min leestijd In deze reeks liepen we drie dingen langs. Hoe je afweer dag en nacht in een soort ploegendienst werkt, wat spanning, slaap en het seizoen met dat ritme doen, en wat je daar in je dagelijkse gewoontes aan kunt doen. In dit laatste artikel gaat het over de bouwstoffen, en over de vraag hoe je daar praktisch voor zorgt. Welke stoffen we onderweg zijn tegengekomen Drie namen kwamen in deze reeks steeds terug, en dat is niet toevallig. Vitamine C is de eerste. Die kunnen wij mensen, anders dan de meeste zoogdieren, niet zelf aanmaken, dus hij moet uit voeding komen. En omdat vitamine C wateroplosbaar is, slaat je lichaam hem niet op in het vetweefsel: wat je vandaag niet gebruikt, verlaat je lichaam gewoon weer. Elke dag opnieuw dus. Vitamine D is de tweede, en die werkt precies omgekeerd. Die maak je zelf aan in je huid onder invloed van zonlicht, en hij wordt opgeslagen in je vetweefsel. Alleen staat de zon in Nederland van november tot maart te laag om dat mogelijk te maken, en ook in de zomer valt het vaak tegen doordat we veel binnen zijn en bedekt naar buiten gaan. En als derde de hele breedte: zink, vitamine A, de B-vitamines, koper, en alles wat verder meedraait als meewerker in je stofwisseling. Geen enkele van die stoffen doet het werk alleen. Ze werken in ketens, en een keten is precies zo sterk als zijn zwakste schakel. Wat daar erkend over gezegd mag worden Voor een aantal van deze stoffen is de rol voor je afweer wetenschappelijk vastgesteld en officieel goedgekeurd. Ik zet ze op een rij, in gewone taal. Vitamine C draagt bij aan het normale functioneren van het immuunsysteem en zorgt mede voor een goede weerstand.1 Vitamine C draagt bij aan het behoud van een goede weerstand tijdens en na fysieke inspanning.1 Vitamine C helpt de cellen beschermen tegen oxidatieve schade en draagt bij aan een normale energiestofwisseling.1 Vitamine D draagt bij aan het normale functioneren van het immuunsysteem en zorgt mede voor een goede weerstand.2 Vitamine D draagt bij aan een normale spierwerking en aan de instandhouding van sterke botten.2 Zink ondersteunt het immuunsysteem en zorgt mede voor een goede weerstand.3 Vitamine A helpt de normale werking van het immuunsysteem en draagt bij aan het behoud van normale slijmvliezen.4 Vitamine B6 en vitamine B12 ondersteunen het immuunsysteem.5 Foliumzuur draagt bij aan de normale werking van het immuunsysteem.6 Koper ondersteunt het immuunsysteem en helpt de cellen beschermen tegen oxidatieve schade.7 Vitamine B5 draagt bij aan de normale weerstand tegen stress.8 Als je dat rijtje zo ziet, valt vooral op hoe breed het is. Het zijn stoffen uit heel verschillende hoeken van je voeding: fruit en paprika, vette vis en eidooier, noten en zaden, donkergroene en oranje groenten, volkorenproducten. Eén product dekt dat nooit, en dat is ook precies waarom ik altijd begin bij het bord. Waarom de basis breed moet zijn In de praktijk zie ik vaak dat mensen heel gericht op één stof gaan zitten omdat ze daar iets over gelezen hebben. Dat kan zinvol zijn, maar meestal is het praktischer om de hele basis breed te houden. Je lichaam werkt namelijk niet met losse stoffen, maar met processen waarin er van alles tegelijk meedoet. Ontbreekt er ergens een schakel, dan stokt het proces, hoeveel je van dat ene ook neemt. Die brede basis leg je in de eerste plaats met je voeding: gevarieerd, kleurrijk, met genoeg groente, en vette vis als je die eet. Merk je dat dat er in drukke periodes of in de donkere maanden bij inschiet, dan kan een aanvulling praktisch zijn. De Weerstand Bundle van ScKIN Daarvoor hebben we bij ScKIN de Weerstand Bundle samengesteld: de twee stoffen die in dit verhaal apart staan, plus de brede basis eromheen. De vitamine C zit erin als een gebufferd poeder dat mild is voor de maag, met 2800 mg per dagdosering in twee vormen. Vitamine C draagt bij aan het normale functioneren van het immuunsysteem en zorgt mede voor een goede weerstand.1 Sport je, dan is die tweede erkende bijdrage interessant: vitamine C draagt bij aan het behoud van een goede weerstand tijdens en na fysieke inspanning.1 De vitamine D zit erin als één capsule per dag met 75 mcg (3000 IE), opgelost in olijfolie omdat vitamine D vetoplosbaar is en zo goed opgenomen wordt. Vitamine D draagt bij aan het normale functioneren van het immuunsysteem en zorgt mede voor een goede weerstand, en draagt daarnaast bij aan een normale spierwerking en aan de instandhouding van sterke botten.2 Juist in de maanden waarin de zon hier te laag staat, is dat een logische aanvulling. En de brede basis komt uit één maatschep met 89 ingrediënten: het volledige B-complex, het vitaminespectrum van A tot en met K2, mineralen zoals zink, magnesium, koper, jodium en chroom, plus een uitgebreide mix van groenten, algen, planten en kruiden. De erkende bijdragen komen van de vitaminen en mineralen daarin. Zo ondersteunt zink het immuunsysteem, helpt vitamine A de normale werking van het immuunsysteem, ondersteunen vitamine B6 en B12 het immuunsysteem, en draagt vitamine B5 bij aan de normale weerstand tegen stress.3,4,5,8 De plantenmix zien we als onderdeel van de formule. Zie het als een brede basis onder je dag, naast alles wat je met licht, ritme, rust en je bord doet. Het is geen vervanging van goed eten, wel een manier om je basis breed te houden in de periodes waarin dat lastiger lukt. Bekijk de Weerstand Bundle In deze bundel zitten Super Greens+, Vitamin C+ en Vitamin D+. Je kunt ze ook los bekijken. Hoe ik het zelf zou aanpakken Als je hiermee begint, zou ik het simpel houden. De vitamine D neem je bij of vlak na een maaltijd, want hij is vetoplosbaar en heeft wat vet nodig om goed mee te liften. De vitamine C los je op in een groot glas water, sap of een smoothie, en doe dat gerust verdeeld over de dag als je wat hoger uitkomt; wateroplosbare stoffen blijven immers niet hangen. En de maatschep met de brede basis past prima bij je ontbijt, zodat het een vast moment wordt dat je niet hoeft te onthouden. Zwanger, borstvoeding, medicijngebruik of onder behandeling? Overleg dan altijd eerst met je arts of een deskundige. Dat geldt ook voor vitamine K2, dat in de brede formule zit en meespeelt bij de bloedstolling: gebruik je antistollingsmiddelen, leg het dan even voor aan je arts. Tot slot Als je één ding meeneemt uit deze hele reeks, laat het dan dit zijn: je afweer werkt in een ritme, en dat ritme heeft ruimte nodig. Licht in de ochtend, rust in de avond, kleur op je bord, en een basis die breed genoeg is om al dat werk mogelijk te maken. Dat is minder spannend dan een snelle oplossing, maar het is wel hoe je lichaam in elkaar zit. 1 Vitamine C draagt bij aan het normale functioneren van het immuunsysteem, zorgt mede voor een goede weerstand, draagt bij aan het behoud van een goede weerstand tijdens en na fysieke inspanning, helpt de cellen beschermen tegen oxidatieve schade en draagt bij aan een normale energiestofwisseling. 2 Vitamine D draagt bij aan het normale functioneren van het immuunsysteem, zorgt mede voor een goede weerstand, draagt bij aan een normale spierwerking en aan de instandhouding van sterke botten. 3 Zink ondersteunt het immuunsysteem en zorgt mede voor een goede weerstand. 4 Vitamine A helpt de normale werking van het immuunsysteem en draagt bij aan het behoud van normale slijmvliezen. 5 Vitamine B6 en vitamine B12 ondersteunen het immuunsysteem. 6 Foliumzuur draagt bij aan de normale werking van het immuunsysteem. 7 Koper ondersteunt het immuunsysteem en helpt de cellen beschermen tegen oxidatieve schade. 8 Vitamine B5 draagt bij aan de normale weerstand tegen stress. Voedingssupplementen zijn geen vervanging van een gevarieerde voeding en een gezonde leefstijl. Raadpleeg bij zwangerschap, borstvoeding, ziekte of medicijngebruik altijd een deskundige. Lees ook Hoe je immuunsysteem dag en nacht voor je werkt Wat stress, slaap en seizoen met je weerstand doen Van ochtendlicht tot nachtrust: dagelijkse gewoontes voor je weerstand

Erfahren Sie mehr
vitamine C poeder

Welke vorm vitamine C zit er in ScKIN Vitamin C+?

◷ 6 min leestijd In de eerste drie artikelen van deze reeks bouwden we het verhaal op. Vitamine C maken wij mensen zelf niet aan, we slaan het niet op in ons vetweefsel en het moet dus elke dag opnieuw van je bord komen. Het maakt de vorming van collageen mogelijk, het ondersteunt je afweer, het beschermt je cellen tegen oxidatieve schade, het speelt mee in je energiehuishouding en het helpt bij de opname van ijzer. We keken naar de bronnen, naar hoe je voorkomt dat het onderweg verdwijnt, en naar de vraag hoeveel je nodig hebt en waarom spreiden beter werkt dan stapelen. Die vitamine C, in een gebufferde vorm en in een poeder dat je zelf kunt doseren, dat is ScKIN Vitamin C+. Twee vormen in één poeder Eén dagdosering, een halve maatschep van 4,5 gram, levert 2800 mg vitamine C. Dat komt uit twee bronnen die elkaar aanvullen. Calcium-L-ascorbaat, 2200 mg vitamine C. Dit is de gebufferde vorm, waarbij de vitamine C gebonden is aan calcium. Daardoor is het poeder ontzuurd en dus milder voor de maag, precies het punt waar ik het in het vorige artikel over had. Ascorbinezuur, 600 mg vitamine C. De klassieke vorm, als aanvulling naast de gebufferde basis. Beide vormen leveren dezelfde goedgekeurde gezondheidsclaims. Het verschil zit in het comfort, niet in de werking. ScKIN Vitamine C+ is een ontzuurd, gebufferd vitamine C-poeder, goed opneembaar en maagvriendelijk. Daarnaast levert de gebufferde vorm 244 mg calcium, dat is 30,5% van de referentie-inname. Wat vitamine C doet Huid en bindweefsel. Vitamine C draagt bij aan de vorming van collageen wat van belang is voor de huid, en vitamine C helpt bij de verzorging van de huid van binnenuit.1 Diezelfde collageenvorming is van belang voor de botten, voor het kraakbeen, voor de bloedvaten en voor de conditie van het tandvlees.1 Weerstand. Vitamine C draagt bij aan het normale functioneren van het immuunsysteem en vitamine C zorgt mede voor een goede weerstand.2 En specifiek voor wie sport: vitamine C bevordert de weerstand tijdens en na fysieke inspanning.3 Energie. Vitamine C draagt bij aan een normale energiestofwisseling en vitamine C helpt energie vrij te maken uit de voeding.4 Bescherming van je cellen. Vitamine C helpt de cellen beschermen tegen oxidatieve schade.5 IJzeropname. Vitamine C bevordert de opname van ijzer uit de voeding.6 Calcium. Calcium draagt bij aan de instandhouding van sterke botten en calcium draagt bij aan een normale spierwerking.7 Wat er verder in zit, en wat niet Naast de twee vitamine C-vormen bevat het poeder appelzuur, citroenzuur, een natuurlijk sinaasappelaroma, een beetje natriumchloride, natuurlijke zoetstof uit stevia en bètacaroteen als natuurlijke kleurstof. Het is 100% vegan, vrij van zuivel en zonder genetisch gemodificeerde ingrediënten. Wat er niet in zit is minstens zo belangrijk. Geen suikers. Dat klinkt logisch, maar in de drogisterij zit in kauw- en bruistabletten vaak sorbitol, glucose of sucrose. En zoals je in het derde artikel las, delen glucose en vitamine C dezelfde doorgang de cel in. Suiker bij je vitamine C werkt dus tegen je eigen bedoeling in. Voor wie dit interessant is In mijn werk adviseer ik vitamine C eigenlijk het hele jaar door en niet alleen in het griepseizoen, want je bindweefsel wordt continu onderhouden. Extra relevant is het voor rokers en meerokers, voor wie intensief sport, in periodes met veel spanning, tijdens de zwangerschap en de borstvoedingsperiode, en voor iedereen met weinig variatie op het bord. Ook wie overwegend plantaardig eet heeft er baat bij, om de reden die je in het eerste artikel las: vitamine C bevordert de opname van ijzer uit de voeding, en dat is bij een plantaardig eetpatroon net dat duwtje. Hoe je het gebruikt Een halve maatschep, 4,5 gram, met ongeveer 300 ml water, sap of een smoothie. Goed doorroeren en meteen opdrinken. Verdeel over de dag als je meer gebruikt. Bij een grotere behoefte kun je tijdelijk naar twee keer per dag een dosering. Twee kleinere momenten werken beter dan één grote, precies om de reden die je in het vorige artikel las. Neem het bij of vlak na een maaltijd. Milder voor de maag, en je pakt meteen de opname van ijzer uit die maaltijd mee. Zet het bijvoorbeeld naast je waterfles op je bureau, dan wordt het vanzelf een gewoonte. Altijd koud. Vitamine C is gevoelig voor hitte, dus roer het nooit door warme koffie of thee. Koud water, koud sap of een koude smoothie. Doseer naar behoefte. Het voordeel van poeder boven tabletten is dat je zelf bepaalt hoeveel je neemt. Een blik bevat 230 gram, wat neerkomt op ongeveer 51 doseringen bij drie gram vitamine C per keer. Neem je een lagere dagelijkse hoeveelheid, dan doe je er veel langer mee. Bewaar koel, droog en donker, en buiten bereik van kinderen onder de tien jaar. Combineren met de rest Vitamin C+ laat zich prima combineren. Samen met Collagen+ krijg je de bouwstenen en de cofactor voor collageenvorming in één keer, en dat is een logische combinatie voor wie met huid en bindweefsel bezig is. Ook met Omega+ en Super Greens+ gaat het gewoon samen. Roer je meerdere poeders door elkaar, doe dat dan altijd in koud water of een koude smoothie, nooit in iets warms. En blijf ondertussen gewoon eten Dat wil ik als laatste meegeven, want het is de kern van deze hele reeks. Een supplement is een aanvulling, geen vervanging. De paprika, de kiwi, de bessen, de kort gestoomde broccoli en de rauwe peterselie tellen gewoon mee, en zij leveren daarnaast van alles wat in geen enkel blik zit. Bouw de basis op je bord, en vul aan waar dat past bij jouw situatie. Bekijk ScKIN Vitamin C+ 1 Vitamine C draagt bij aan de vorming van collageen wat van belang is voor de huid. 2 Vitamine C draagt bij aan het normale functioneren van het immuunsysteem. 3 Vitamine C bevordert de weerstand tijdens en na fysieke inspanning. 4 Vitamine C draagt bij aan een normale energiestofwisseling. 5 Vitamine C helpt de cellen beschermen tegen oxidatieve schade. 6 Vitamine C bevordert de opname van ijzer uit de voeding. 7 Calcium (244 mg, 30,5% RI) draagt bij aan de instandhouding van sterke botten. Goedgekeurde gezondheidsclaims voor vitamine C (2800 mg per dagdosering) en calcium. Voedingssupplementen zijn geen vervanging van een gevarieerde voeding. Raadpleeg bij zwangerschap, borstvoeding, medicijngebruik of ziekte altijd een deskundige. Lees ook Wat vitamine C in je lichaam doet Waar zit vitamine C in? De beste bronnen op je bord Hoeveel vitamine C per dag, en wat als je meer neemt?

Erfahren Sie mehr
vitamine C

Hoeveel vitamine C per dag, en wat als je meer neemt?

◷ 6 min leestijd We keken naar wat vitamine C doet en waar het in zit. Blijft over de vraag die ik het vaakst krijg: hoeveel heb ik er nu eigenlijk van nodig? En wat gebeurt er als ik meer neem? Daar wil ik in dit artikel eerlijk over zijn, want er zitten twee heel verschillende antwoorden achter. De officiële referentie-inname De referentie-inname voor vitamine C ligt in Europa op 80 milligram per dag. Dat is de waarde die je op etiketten terugziet als honderd procent. Die waarde is bedoeld als ondergrens voor de bevolking: de hoeveelheid waarbij bij vrijwel iedereen de basisprocessen gewoon doorlopen. Wat ik daarbij altijd uitleg: dat is een ander soort getal dan mensen denken. Het is niet de hoeveelheid waarbij je lichaam optimaal kan werken, het is de hoeveelheid waarbij het niet vastloopt. Voor de basisaanvoer haal je die 80 milligram met twee stuks fruit en een portie groente prima. Een halve rode paprika volstaat al. Waarom er in de praktijk met meer gewerkt wordt Binnen de orthomoleculaire geneeskunde en de kPNI wordt met aanzienlijk hogere hoeveelheden gewerkt, en dan hebben we het over grammen in plaats van milligrammen. De gedachte daarachter is de evolutionaire vergelijking waar ik in het eerste artikel over schreef: de meeste dieren maken hun eigen vitamine C aan, en zij maken per dag veel meer dan wij via ons bord binnenkrijgen. Een geit van ongeveer zeventig kilo maakt in rust al enkele grammen per dag aan, en aanzienlijk meer wanneer er veel van het lichaam gevraagd wordt. Ik wil hier wel meteen bij zeggen: therapeutische hoeveelheden horen thuis in overleg met een arts of therapeut die je situatie kent, zeker als je medicijnen gebruikt of onder behandeling bent. Wat ik hier beschrijf is geen advies om zelf maar wat te gaan stapelen. Waar de grens ligt, en hoe je hem herkent Het praktische mooie aan vitamine C is dat je lichaam zelf aangeeft waar jouw grens ligt. Neem je in één keer meer dan je darm op dat moment kan opnemen, dan blijft het restant in je darm en trekt het vocht aan. Het gevolg is een dunnere ontlasting. Dat is geen alarmsignaal, het is gewoon informatie: dit was voor nu te veel ineens. In mijn vak noemen we dat de darmtolerantie, en het aardige is dat die grens meebeweegt. In een periode waarin er veel van je lichaam gevraagd wordt, ligt hij hoger dan in een rustige week. Merk je het, dan halveer je de volgende keer gewoon en verdeel je het over meer momenten. Waarom spreiden beter werkt dan stapelen Dit is misschien wel de belangrijkste praktische les uit dit hele artikel. Vitamine C wordt in je darm opgenomen via actieve transporters, en die transporters raken verzadigd. Neem je in één keer een grote hoeveelheid, dan wordt het deel dat er niet doorheen past gewoon niet opgenomen. En wat er wel doorheen komt maar niet meteen gebruikt wordt, verlaat je lichaam via je nieren. Eén grote portie 's ochtends geeft dus een piek en daarna een snelle daling. Drie kleinere momenten over de dag geven een veel gelijkmatiger beeld. Ik zeg altijd: doseer als een druppelaar, niet als een emmer. De vorm doet ertoe voor je maag Vitamine C in zijn pure vorm heet ascorbinezuur, en de naam zegt het al: dat is zuur. Voor de meeste mensen is dat in kleine hoeveelheden geen enkel probleem, maar bij grotere hoeveelheden kan het een branderig gevoel geven of je darm prikkelen. Daarom bestaan er gebufferde vormen, waarbij de vitamine C gebonden is aan een mineraal zoals calcium. Zo'n vorm is minder zuur, dus milder voor de maag, en wordt wat gelijkmatiger opgenomen. Voor wie langere tijd wat meer gebruikt, is dat in de praktijk een prettiger keuze. Een poeder heeft daarbij als voordeel dat je zelf kunt bepalen hoeveel je neemt, terwijl je met tabletten vastzit aan de stapjes van de fabrikant. Wanneer je behoefte groter is Er zijn periodes waarin je lichaam meer vraagt. Bij roken en meeroken is de behoefte aantoonbaar groter. Tijdens de zwangerschap en de borstvoedingsperiode ook. Verder bij intensieve sport, in periodes met veel spanning, en als je voeding weinig variatie kent. Wat ik in mijn werk vaak zie: mensen letten in de winter goed op en laten het in de zomer varen, terwijl je bindweefsel het hele jaar door onderhouden wordt en je afweer ook in mei gewoon doorwerkt. Vitamine C is wat mij betreft een jaarrond verhaal. Hoe weet je of je genoeg binnenkrijgt? Eerlijk antwoord: aan één bloedwaarde heb je niet zoveel, omdat de waarde in je bloed sterk meebeweegt met wat je die ochtend gegeten hebt. Zinvoller is om naar je bord te kijken. Tel eens een week lang hoeveel porties groente en fruit je werkelijk eet, en hoeveel daarvan rauw of kort gegaard was. Die twee getallen zeggen in de praktijk meer dan een momentopname in het lab, en je kunt er meteen iets mee. Praktisch: zo pak ik het aan Bouw de basis op je bord. Twee tot drie porties groente en twee stuks fruit per dag, met variatie in kleur en met dagelijks iets rauws. Dat is de fundering, en daar begint het altijd. Verdeel over drie momenten. Ochtend, middag en avond, in plaats van alles ineens. Dat geldt voor je voeding én voor een eventuele aanvulling. Neem het bij of vlak na een maaltijd. Dat is milder voor de maag en het helpt meteen bij de opname van ijzer uit die maaltijd. Niet samen met veel suiker. Glucose en vitamine C delen dezelfde doorgang de cel in. Een zoet ontbijt met daarnaast een vitaminepreparaat werkt elkaar tegen. Luister naar je darm. Wordt je ontlasting dunner, dan was het te veel in één keer. Halveer en spreid meer. Zo simpel is het. Bouw rustig op. Ga je meer gebruiken, doe dat dan in stapjes over een paar weken in plaats van in één keer. Je darm went eraan. Overleg als er iets speelt. Gebruik je medicijnen, ben je onder behandeling, of heb je in het verleden nierstenen gehad, bespreek een hogere inname dan altijd eerst met je arts of therapeut. In het laatste artikel In het volgende en laatste artikel kijken we naar de vormen waarin je vitamine C kunt aanvullen, waarom een gebufferde vorm in poeder daarbij praktisch is, en hoe je dat in je dag inpast. Lees ook Wat vitamine C in je lichaam doet Waar zit vitamine C in? De beste bronnen op je bord Welke vorm vitamine C zit er in ScKIN Vitamin C+?

Erfahren Sie mehr
Vitamine C groente en fruit

Waar zit vitamine C in? De beste bronnen op je bord

◷ 6 min leestijd In het vorige artikel las je waarom je lichaam vitamine C elke dag opnieuw nodig heeft: we maken het zelf niet aan en we slaan het niet op. De volgende vraag is dan logisch. Waar zit het in, hoeveel levert dat, en hoe zorg je dat het niet onderweg verdwijnt? Daar gaat dit artikel over. De sinaasappel is niet de winnaar Laat ik meteen met de grootste misvatting beginnen. Als ik vraag waar vitamine C in zit, noemt vrijwel iedereen de sinaasappel. Terwijl een sinaasappel rond de vijftig milligram per honderd gram levert, en een rode paprika ongeveer het drievoudige. Zwarte bessen zitten daar nog ruim boven. De sinaasappel is prima, hij is alleen niet de kampioen waarvoor we hem houden. De bronnen op een rij Zeer rijk (ruim boven de 100 mg per 100 gram) Rozenbottel en duindoornbes, van oudsher de rijkste bronnen die hier groeien Zwarte bessen, rond de 180 mg Verse peterselie, rond de 130 mg Rode paprika, rond de 140 mg Boerenkool, rond de 120 mg Acerola, een tropische kers die veel in poedervorm wordt gebruikt Rijk (50 tot 100 mg per 100 gram) Gele en groene paprika Broccoli, rond de 90 mg Spruitjes, rond de 85 mg Kiwi, rond de 90 mg Aardbeien, rond de 60 mg Bloemkool en witte kool Papaja en mango Goede aanvulling (20 tot 50 mg per 100 gram) Sinaasappel, mandarijn, citroen en grapefruit Ananas, meloen en framboos Tomaat, doperwt, spinazie en rode kool Aardappel, en dan vooral in de schil. Omdat we er veel van eten, telt de aardappel in Nederland verrassend zwaar mee in de dagelijkse aanvoer Wat kool zo interessant maakt Ik wil hier graag even bij stilstaan, want koolsoorten zijn in ons klimaat de meest onderschatte bron. Boerenkool, spruitjes, broccoli, rode kool, bloemkool en spitskool zijn stuk voor stuk rijk aan vitamine C, ze groeien hier gewoon, ze zijn er juist in het seizoen waarin je er het meeste aan hebt, en ze zijn goedkoop. Het probleem is alleen dat we ze doorgaans doodkoken. Daar kom ik zo op terug. Zuurkool verdient een aparte vermelding. Gefermenteerde kool bevat vitamine C en werd vroeger op schepen meegenomen om de bemanning gezond te houden op lange reizen. Een paar lepels rauwe zuurkool bij de warme maaltijd is een prima gewoonte. Waar vitamine C onderweg verdwijnt Dit is minstens zo belangrijk als de vraag waar het in zit. Vitamine C is namelijk een kwetsbare stof, en er zijn vier dingen die eraan knagen. Hitte. Vitamine C breekt af bij verhitting, en hoe langer en heter, hoe meer. Twintig minuten doorkoken kost een fors deel. Water. Omdat vitamine C wateroplosbaar is, lekt het tijdens het koken je kookvocht in. Giet je dat weg, dan giet je je vitamine C weg. Licht en lucht. Een gesneden paprika of een uitgeperst sinaasappelsap dat een dag in de koelkast staat, levert minder dan hetzelfde product vers. Tijd. Hoe langer geleden geoogst, hoe minder. Groente die weken onderweg is geweest, is minder rijk dan groente van dichtbij. Praktisch: hoe je het meeste overhoudt Stoom of roerbak in plaats van koken. Stomen houdt aanzienlijk meer vitamine C in de groente dan koken in ruim water. Roerbakken werkt ook goed, mits kort en op hoog vuur. Kook je toch, gebruik dan het vocht. Maak er een saus, een soep of een jus mee. Zo pak je terug wat in het water is beland. Snijd vlak voor gebruik. Hoe langer een snijvlak aan de lucht ligt, hoe meer er verloren gaat. Snijd dus vlak voordat je gaat eten. Zet dagelijks iets rauws op tafel. Reepjes paprika, komkommer, een handvol bessen, wat verse peterselie of bieslook over je gerecht. Dit is de simpelste manier om je aanvoer op peil te houden. Diepvriesgroente is prima. Groente wordt kort na de oogst ingevroren, waardoor er verrassend veel behouden blijft. Een zak diepvriesspinazie of doperwten is dus geen noodoplossing maar een prima keuze, ook doordeweeks. Eet met de seizoenen. In de winter zijn kool, boerenkool, spruitjes en winterpeen op hun best, en dat komt goed uit. In de zomer zijn het de bessen, aardbeien, tomaten en paprika's. Denk aan de schil. Bij aardappelen en veel fruit zit een flink deel van de vitamine C in of vlak onder de schil. Goed wassen en de schil laten zitten scheelt echt. Wat een portie in de praktijk betekent Getallen per honderd gram zeggen niet zoveel als je niet weet hoe groot een portie is. Even praktisch dus. Een halve rode paprika weegt ongeveer honderd gram en levert dus in zijn eentje al ruim boven de referentie-inname. Een kiwi is goed voor zo'n zeventig milligram, een flinke portie broccoli voor rond de honderd, en een handvol aardbeien voor vijftig. Zoveel is het dus niet, mits je er dagelijks aan denkt en het niet doodkookt. Wat mij daarbij opvalt: mensen richten zich vaak op fruit, terwijl in ons klimaat juist de groenten de grootste leveranciers zijn. Paprika, kool en bladgroen doen samen meer dan de fruitschaal. De seizoenen als vanzelfsprekende leidraad Ik ben er een groot voorstander van om met de seizoenen mee te eten, en bij vitamine C komt dat toevallig prachtig uit. Precies in de maanden waarin je afweer het meest te verduren krijgt, staan de koolsoorten op hun best: boerenkool, spruitjes, rode kool, witlof en winterpeen. In het voorjaar komen spinazie, radijs en jonge bladgroenten. In de zomer bessen, aardbeien, tomaten en paprika. En in het najaar pompoen, appels en peren met daarnaast de eerste kolen weer. Volg je die lijn, dan varieer je vanzelf en hoef je nergens een lijstje voor bij te houden. Dat is het soort advies waar ik van houd, want het houdt zichzelf in stand. Een dag die vanzelf goed uitpakt Om het concreet te maken, zo ziet een gewone dag eruit die ruim voldoende levert. Bij het ontbijt yoghurt met een handvol bevroren blauwe bessen en een kiwi erdoor. Tussen de middag een salade met rauwe paprika, verse peterselie en een dressing met citroensap, en daarnaast een boterham. In de middag een mandarijn. Bij het avondeten kort gestoomde broccoli of een portie rode kool, met het kookvocht verwerkt in de saus. Meer is het niet, en je zit ruim goed. Wat mij hierbij opvalt in de praktijk: mensen denken vaak dat ze veel groente eten, terwijl het bij nader inzien vooral gekookte groente is uit één of twee vaste soorten. Variatie en bereidingswijze doen hier net zoveel als hoeveelheid. In het volgende artikel Nu je de bronnen kent, komt de vraag hoeveel je er eigenlijk van nodig hebt. De officiële referentiewaarde, wat er in de praktijk gebruikt wordt en wat er gebeurt als je meer neemt dan je lichaam op dat moment kwijt kan. Dat is het derde artikel. Lees ook Wat vitamine C in je lichaam doet Hoeveel vitamine C per dag, en wat als je meer neemt? Welke vorm vitamine C zit er in ScKIN Vitamin C+?

Erfahren Sie mehr
Vitamine C-rijke voeding: sinaasappel, kiwi, aardbeien, paprika en broccoli

Wat vitamine C in je lichaam doet

◷ 6 min leestijd Vitamine C is waarschijnlijk de bekendste vitamine die er is, en tegelijk de meest onderschatte. De meeste mensen denken aan een sinaasappel als ze verkouden zijn, en daar blijft het bij. Terwijl vitamine C in je lichaam bij honderden processen betrokken is en elke dag opnieuw moet worden aangevoerd. Vandaag wil ik je meenemen in wat die stof nu eigenlijk doet. Wij maken het zelf niet aan, bijna alle dieren wel Dit vind ik zelf een van de aardigste feiten uit mijn vakgebied. De meeste zoogdieren maken hun eigen vitamine C aan, gewoon in hun lever, uit glucose. Honden, katten en muizen doen dat de hele dag door. De mens kan het niet, en een handvol andere soorten zoals cavia's en apen ook niet. Wij missen daarvoor één enzym, en dat zijn we ergens in onze geschiedenis kwijtgeraakt. Waarschijnlijk was dat destijds geen probleem, want onze voorouders aten grote hoeveelheden vers fruit en bladgroen. De aanvoer was er gewoon, dus je hoefde het niet zelf te maken. In een tijd met veel bewerkte voeding en veel prikkels ligt dat anders. De behoefte is er nog steeds, alleen komt het er niet meer vanzelf in. Wateroplosbaar, en dat betekent dagelijks Vitamine C is wateroplosbaar. Anders dan bijvoorbeeld vitamine D wordt het niet opgeslagen in je vetweefsel. Wat je lichaam op dat moment niet gebruikt, verdwijnt via je nieren. Je kunt dus geen voorraad aanleggen voor de week, en dat is precies waarom regelmaat hier belangrijker is dan hoeveelheid. Elke dag iets is beter dan één keer per week veel. Wat vitamine C doet: vijf rollen 1. Het maakt collageen mogelijk Dit is voor mij de meest bijzondere. Collageen is het eiwit dat je huid, je botten, je kraakbeen, je bloedvaten en je tandvlees stevigheid geeft. Je lichaam maakt het zelf, maar in dat proces zit een stap die alleen kan doorlopen als er vitamine C aanwezig is. Zonder die stap draaien de collageenketens niet stevig in elkaar. Vitamine C draagt bij aan de vorming van collageen wat van belang is voor de huid, en diezelfde collageenvorming is ook van belang voor de botten, het kraakbeen, de bloedvaten en het tandvlees. Vandaar ook dat vitamine C bij mij nooit alleen een winterverhaal is. Je bindweefsel wordt het hele jaar door onderhouden. 2. Het ondersteunt je afweer Je witte bloedcellen bevatten opvallend veel vitamine C, en zij gebruiken het bij hun werk. Vitamine C draagt bij aan het normale functioneren van het immuunsysteem, en vitamine C zorgt mede voor een goede weerstand. Er is nog een tweede, minder bekende kant: vitamine C bevordert de weerstand tijdens en na fysieke inspanning. Als je stevig sport, vraagt je lichaam op dat moment meer van je afweer, en daar speelt vitamine C een rol in. Dat is dus niet alleen relevant in het griepseizoen, maar ook als je twee keer per week hardloopt of stevig traint. 3. Het is een antioxidant Ik gebruik hier graag het beeld van Pac-Man. Vrije radicalen zijn kleine happers die door je weefsel gaan en onderweg schade maken aan celwanden en aan je bindweefsel. Antioxidanten vangen die happers weg voordat ze aan het werk gaan. Vitamine C helpt de cellen beschermen tegen oxidatieve schade. Wat hierbij nog aardig is om te weten: vitamine C kan andere antioxidanten weer opknappen nadat die hun werk hebben gedaan. Het staat dus midden in een netwerk en werkt samen met de rest. 4. Het speelt mee in je energiehuishouding Vitamine C is een cofactor bij de aanmaak van carnitine, en carnitine is het transportmiddel dat vetzuren de energiefabrieken in je cellen in brengt. Zonder dat transport ligt een deel van je brandstof buiten de deur. Vitamine C draagt bij aan een normale energiestofwisseling en vitamine C helpt energie vrij te maken uit de voeding. 5. Het helpt bij de opname van ijzer IJzer uit plantaardige voeding wordt van nature lastiger opgenomen dan ijzer uit dierlijke voeding. Vitamine C in dezelfde maaltijd verandert daar iets aan, want vitamine C bevordert de opname van ijzer uit de voeding. Een simpel voorbeeld: citroen over je linzen, of een paar reepjes paprika door je bonenschotel. Wie er meer van nodig heeft De behoefte aan vitamine C is niet voor iedereen gelijk. Groter is die behoefte bij rokers en meerokers, bij mensen die weinig variatie in hun voeding hebben, tijdens de zwangerschap en de borstvoedingsperiode, en in periodes met veel spanning. Ook bij intensieve sport vraagt je lichaam er meer van. Wat ik in mijn werk vaak terugzie bij mensen die weinig binnenkrijgen: trage wondgenezing, snel blauwe plekken, gevoelig tandvlees en een periode waarin het ene na het andere verkoudheidsvirus langskomt. Dat zijn signalen om eens goed naar je bord te kijken, niet meer en niet minder. Praktisch: zo krijg je er dagelijks genoeg van binnen Verdeel het over de dag. Omdat vitamine C wateroplosbaar is en vrij snel het lichaam weer verlaat, werkt het beter om er drie keer per dag iets van binnen te krijgen dan één grote portie 's ochtends. Kiwi bij het ontbijt, paprikareepjes bij de lunch, kort gestoomde broccoli bij het avondeten. Eet dagelijks iets rauws. Vitamine C is gevoelig voor hitte. Een rauwe paprika, wat verse peterselie door je salade of een handvol bessen levert meer dan hetzelfde product na twintig minuten koken. Gooi je kookvocht niet weg. Vitamine C lost op in water. Gebruik het vocht waarin je groenten hebt gekookt als basis voor je soep of saus, dan gaat er niets verloren. Let op suiker. Glucose en vitamine C maken in je lichaam gebruik van dezelfde doorgang de cel in. Zit er veel glucose in je bloed, dan komt vitamine C er lastiger langs. Een zoet ontbijt en daarna een vitaminepreparaat is dus geen slimme combinatie. Kies vers en bewaar koel en donker. Vitamine C gaat achteruit door licht, lucht en tijd. Snijd je groenten vlak voor gebruik en laat een gesneden paprika niet twee dagen in de koelkast liggen. Neem het bij de maaltijd als je gevoelig bent. Vitamine C in zuivere vorm is behoorlijk zuur. Bij of vlak na het eten is dat een stuk aangenamer, en het helpt meteen bij de opname van ijzer uit die maaltijd. In het volgende artikel Je weet nu wat vitamine C doet en waarom je het elke dag nodig hebt. In het tweede artikel kijken we naar de bronnen: waar zit het echt in, hoeveel levert het en hoe voorkom je dat het onderweg verloren gaat. Lees ook Waar zit vitamine C in? De beste bronnen op je bord Hoeveel vitamine C per dag, en wat als je meer neemt? Welke vorm vitamine C zit er in ScKIN Vitamin C+?

Erfahren Sie mehr
ScKIN Back to School supplementen

Welke bouwstenen ondersteunen de weerstand van mijn kind?

Welke bouwstenen ondersteunen de weerstand van je kind? Vitamine C voor elke leeftijd en de Weerstand-bundel met vitamine D vanaf 10 jaar, uitgelegd.

Erfahren Sie mehr